Thema Toegankelijkheid
Thema Wegontwerp en weginrichting
Redactie
Hoe maak je de gedeelde openbare ruimte toegankelijk, veilig en aangenaam voor iedereen? Alex Mink licht in een interview toe waar het in de nieuwe handreiking Toegankelijkheid in Shared Space van CROW-KpVV om draait.
Dankzij het VN-verdrag Handicap is de aandacht voor dit onderwerp sinds 2016 in een stroomversnelling geraakt. En vergis je niet: Nederland telt ruim 2 miljoen mensen met een functiebeperking. Ze zijn slechtziend, blind, doof, hebben een lichamelijke of verstandelijke beperking of psychische problemen. Volwaardig meedoen kost hen extra inspanning en is zeker niet vanzelfsprekend. Vanwege de vergrijzing wordt deze groep bovendien jaar na jaar groter.
Vanuit overheden is al veel in gang gezet rondom inclusie en toegankelijkheid. Denk bijvoorbeeld aan het nieuwe Bestuursakkoord Toegankelijkheid Openbaar Vervoer, dat eind vorig jaar is ondertekend. Ook is er volop belangstelling voor het Kennisnetwerk Toegankelijkheid van CROW, waar decentrale overheden informatie vinden en ervaringen delen.
Dat zijn positieve ontwikkelingen, maar er moet nog veel gebeuren, zegt Alex Mink (38). Hij was wethouder Mobiliteit in Arnhem en werkt momenteel voor het Gemeentelijke Netwerk voor Mobiliteit en Infrastructuur (GNMI) en voor één dag per week ook als kenniswerker bij CROW. Alex dacht mee over de nieuwe publicatie over toegankelijkheid en blijkt bovendien de aanstichter. Uiteraard schuift hij eind deze maand aan bij de webinar Gedeeld ruimtegebruik: toegankelijk en veilig voor iedereen.
Goede bedoelingen ontwerpers
Alex: "Vanwege een zichtveldbeperking en een loopbeperking behoor ik zelf tot de doelgroep. Voor mijn opleiding tot verkeerskundig ingenieur heb ik onderzocht hoe mensen met visuele beperkingen omgaan met gebieden die volgens het Shared Space-concept worden ingericht. Ondanks alle goede bedoelingen van ontwerpers en beheerders worden mensen met visuele beperkingen vaak vergeten in de openbare ruimte."
Alex omschrijft de openbare ruimte als een strijdtoneel. "Wie zich het beste verenigt, krijgt de ruimte. Maar wat je voor de een inricht, kan de ander juist in de weg zitten. Een afgevlakt stoepje is fijn voor een rolstoeler, maar biedt een slechtziende bijvoorbeeld nauwelijks oriëntatie."
De loopruimte wordt vaak gebruikt om allerlei objecten te plaatsen. "Maar het gaat verder dan het aanleggen van een blindegeleidelijn. Als je meerdere mobiliteitsstromen mengt, dan is er bij het ontwerp en beheer een bredere afweging nodig. Ik ben blij dat ik daar een bijdrage aan mag leveren."
Zes kwetsbare doelgroepen
De nieuwe publicatie over toegankelijkheid gaat uit van zes kwetsbare doelgroepen. Dat zijn mensen met een visuele beperking, auditieve beperking, motorische beperking, cognitieve beperking, dyslexie & laaggeletterdheid en kinderen. In de handreiking is per groep aangegeven waar zij behoefte aan hebben in de openbare ruimte. Er is een hele lijst aan suggesties; van pictogrammen, extra verlichting tot aan betere zicht- en looplijnen.
Vanwege de uitstraling van een winkelgebied of plein laten ontwerpers die elementen liever wat achterwege, constateert Alex. De meeste ontwerpers sturen aan op een natuurlijk verkeersgedrag. "Bij meervoudig gebruik van een ruimte ontstaat dat gedrag als je de snelheid op elkaar afstemt. Dus: minder of geen auto's, vooral fietsers en wandelaars. Iedereen let dan op elkaar en past zich aan. Maar ja, als je blind of slechtziend bent, dan is dat lastig."
Bij toegankelijkheid draait het om oriëntatie en navigatie, legt Alex uit. "Dat moet het vertrekpunt zijn bij een ontwerp. Je hoeft niemand te pamperen, maar creëer houvast en beschutting. En ik geef toe; die zoektocht is best complex, maar daar moeten we wel naartoe."
'Wereld van mooi'
Alex beschrijft een tweedeling tussen de wereld van functioneel en de wereld van mooi. "De meeste stedenbouwkundig ontwerpers hebben zelf geen beperking en denken vooral vanuit de wereld van mooi. Zij kunnen echt nog hulp en advies gebruiken om hun ontwerp voor een veel grotere groep mensen functioneel te maken. Daar helpt deze publicatie bij."
Het is onmogelijk om het voor iedereen goed te doen, beseft Alex. "Je zoekt met elkaar naar het optimum. Dat betekent ook dat je bepaalde dingen níet moet doen. Dat hebben we eveneens uitgelegd in de publicatie; probeer af te bakenen.
Toegankelijkheid vraagt tevens iets van het beheer en onderhoud. "Wild geparkeerde fietsen, containers op de stoep; dat is lastig. Dus voorkom obstakels. En gebruik kleur, textuur en geur in een ontwerp. Iemand met een beperking gebruikt de andere zintuigen meer. Die helpen bij oriëntatie. Niet alleen als je slechtziend bent, maar ook als je bijvoorbeeld pleinvrees hebt. Of wat als je medegebruikers letterlijk niet kunt horen?"
Eenvoudige tegel helpt
Herkenningspunten helpen. "Je hoeft echt niet de hele straat vol te zetten met hulpvoorzieningen. Maar een simpele tegel bij de winkel kan al informatie geven waar de ingang zit en om welke winkel het gaat. Je wilt vooral weten hoe je je kunt redden met dat wat je wél kunt."
Ook akoestiek is bepalend. "Zorg er dus voor dat je een plein niet inricht als een vlak biljartlaken met alleen maar steen, waarop alles kaatst. Maar gebruik ook bomen, planten of bakken waar je groen in steekt. Dan kader je de ruimte meer af."
In Nederland is de ruimte schaars. Toch wil je zo veel mogelijk mensen vrij en zelfstandig op pad laten gaan. En liefst zo duurzaam mogelijk, weet Alex. "De kosten gaan voor de baten uit. Nederland wordt ouder en het is belangrijk dat we mensen zo lang mogelijk actief houden. Dan praat je dus niet alleen over goede zorg, maar ook over een toegankelijke leefomgeving."
Download
Delen via
Meer weten over dit onderwerp?
Ga naar de onderwerppagina voor meer informatie en direct toepasbare kennis over dit onderwerp.
Brede welvaart
Brede welvaart in mobiliteitsbeleid gaat in de basis over het afwegen van aspecten van welvaart: gezondheid, veiligheid, bereikbaarheid en leefomgeving. Dit biedt kansen voor een beleid waarin maatregelen zijn gericht op het tegengaan van bereikbaarheidsongelijkheid aan de ene kant en het voorkomen of terugdringen van de schadelijke effecten op bijvoorbeeld het milieu of veiligheid van bewoners, of van excessieve mobiliteit aan de andere kant. Door dit te koppelen aan begrippen als ‘nabijheid’ en het actief toepassen van de capabilitiesbenadering kunnen ook doelen voor gezondheid en ruimtelijke kwaliteit worden nagestreefd.
Road Infrastructure Safety Management (RISM-II)
Op 19 november 2008 is de Europese richtlijn 2008/96/EG (RISM) van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie vastgesteld. Deze richtlijn bevat regels over het beheer van de verkeersveiligheid van weginfrastructuur. In 2019 is richtlijn (EU) 2019/1936 vastgesteld, die strekt tot wijziging van de RISM-richtlijn. De herziene richtlijn wordt RISM-II genoemd.
Toegankelijkheid
De vanzelfsprekendheid en het gemak van verplaatsen of reizen geldt niet altijd voor mensen met een beperking of voor ouderen in onze maatschappij. Dat vraagt om toegankelijkheid van het verkeers- en vervoerssysteem en een goed ingerichte openbare ruimte.
Verkeer en Vervoer
CROW werkt met aan het bevorderen van duurzame, veilige en toegankelijke mobiliteit. Dat doen we met name voor de decentrale overheden en daarnaast voor alle andere partijen in het brede werkveld van beleidsontwikkeling en -uitvoering.
Wegontwerp en weginrichting
Wegontwerp zorgt ervoor dat een straat, plein, weg of ander stuk openbare ruimte zo wordt gebruikt dat het voldoet aan de verwachtingen van de mensen die hier lopen en rijden. Een wegontwerper moet daarvoor verschillende eisen en wensen combineren, prioriteren en keuzes maken. Verkeersveiligheid staat hierbij voorop, maar het gaat natuurlijk ook over het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving en de bereikbaarheid.