Deze website maakt gebruik van cookies. Met functionele- en analytische cookies zorgen we er voor dat website goed werkt en verbeteren wij onze websites. Ook plaatsen we marketing cookies om je van persoonlijke content te voorzien. Wil je dit niet? Kies dan voor weigeren, we plaatsen dan alleen functionele en analytische cookies. Meer informatie.

Flexvervoer in Nederland

Onderzoekers Femke Nannes en Marieke Boon hebben in het voorjaar van 2021 in opdracht van CROW-KpVV een onderzoek uitgevoerd naar flexvervoer in Nederland. Het doel was een eerste overzicht te geven van de verschillende flexsystemen, de kenmerken te onderscheiden en die vervolgens met elkaar te vergelijken.



In nauw overleg met CROW-KpVV is het onderzoek als volgt aangepakt:

  • vaststellen kwantitatieve kenmerken op basis van online onderzoek en verkennende gesprekken
  • online onderzoek naar 15 flexsystemen 
  • interviews met de concessiehouders 
  • als aanvulling hierop interviews onder 20 passagiers van een willekeurig gekozen flexsysteem (TexelHopper), een vervoerkundige van een vervoerder (EBS) en een willekeurig gekozen reizigersorganisatie (Reizigers Overleg Brabant) en interviews met de concessiehouder van 5 flexsystemen die gestopt zijn (BravoFlex Eindhoven, Roosendaal en Helmond, OV-shuttle Limburg en Brengflex Arnhem Nijmegen). 
Bekijk hier de tabel waarin je de kenmerken van 15 flexvervoersystemen kunt vergelijken.
  

Vindbaarheid

Alle flexsystemen zijn vindbaar op één of meerdere websites. De vindbaarheid van reizigersinformatie over het flexsysteem op de website van de vervoerder verschilt. Sommige vervoerssystemen zijn alleen te vinden als je weet waar je naar zoekt. Soms is de informatie minimaal en is er bijvoorbeeld geen informatie te vinden over de kosten of over de mogelijkheid om met een rolstoel te reizen.
 
De meeste flexsystemen zijn inmiddels vindbaar via OV9292. Flexsystemen die geen vaste route rijden maar kriskrasroutes gebruiken hiervoor een zogenaamde dummy-route. 
Bij acht flexsystemen is er geen informatie over het flexsysteem beschikbaar op de haltes. Daarnaast kunnen niet alle reizigers de haltes gemakkelijk herkennen/vinden. 
 
In theorie hoort flexvervoer bij het andere openbaar vervoer. In de dagelijkse praktijk van reizigers (en chauffeurs) is dit soms anders: bussen zien er anders uit, er is een andere betaalwijze of tarief en het is niet vanzelfsprekend dat je makkelijk vanuit het reguliere ov kunt overstappen op flexvervoer. Chauffeurs van reguliere lijnen kunnen passagiers niet altijd van informatie voorzien, zeker niet als het flexvervoer wordt uitgevoerd door een taxibedrijf. Er is een verschil tussen de ervaringen van vaste en incidentele of nieuwe reizigers. 
 

Betaalbaarheid

Het vergelijken van de tarieven en de betaalbaarheid van de verschillende flexsystemen is behoorlijk ingewikkeld. Sommige flexsystemen hanteren een flat fare, andere een kilometertarief; al dan niet gebaseerd op het reguliere ov-tarief eventueel met toeslag. Bij sommige systemen zijn er meerdere tarieven die afhankelijk zijn van de dag/tijd en daarmee de beschikbaarheid van ander openbaar vervoer. Ook komt het regelmatig voor dat het tarief wordt aangepast tijdens de concessie. 
 

Gebruiksvriendelijkheid 

Acht flexsystemen kennen de mogelijkheid om een reis te reserveren via een app. In de praktijk werken sommige apps niet altijd goed. Soms is de app tijdelijk buiten gebruik, is het niet mogelijk om een rit met rolstoel via de app te boeken, of is de app alleen door ervaren reizigers gebruikt omdat hij voor incidentele reizigers te ingewikkeld is. 
 
Bij 11 van de 15 in de tabel opgenomen flexsystemen kan met OV-chipkaart worden betaald. Soms was dit bij de start niet het geval en is dit later aangepast. Zeker als het vervoer wordt uitgevoerd door een taxibedrijf zijn de kosten van de benodigde apparatuur kostbaar. Bij een pilot of systeem met heel weinig reizigers wordt er daarom niet altijd voor gekozen.
 

Toegankelijkheid

Aanvankelijk was ook de toegankelijkheid van de halte een kenmerk waarop we de flexsystemen wilden vergelijken. Maar omdat veel flexsystemen gereden worden met kleine voertuigen, die vaak een lage instap hebben, blijkt een verhoogde halte geen toegevoegde waarde te hebben met betrekking tot toegankelijkheid. De combinatie verlaagde instap en verhoogde halte is voor mensen met een rolstoel of rollator juist niet handig. Veel belangrijker is de servicebereidheid van de chauffeur en de mogelijkheid om maatwerk te leveren; de passagier met een rolstoel wordt indien nodig 100 meter voorbij de halte afgezet, omdat daar de stoep precies de juiste hoogte heeft. 

Lees verder over het belang van visie en doel van de flexsystemen.

Terug naar 'Flexwaaier'
Submenu openen

Flexvervoer in Nederland

Scroll naar boven