Deze website maakt gebruik van cookies. Met functionele- en analytische cookies zorgen we er voor dat website goed werkt en verbeteren wij onze websites. Ook plaatsen we marketing cookies om je van persoonlijke content te voorzien. Wil je dit niet? Kies dan voor weigeren, we plaatsen dan alleen functionele en analytische cookies. Meer informatie.

Procesaanpak beoordelen geschiktheid alternatieve grondstoffen voor beton

31-03-2020

Deze procesaanpak is opgesteld in samenspraak met de CROW Programma Advies Raad Beton en Betonconstructies (PAR Beton) om aanvragen van partijen eenduidig te behandelen. In de navolgende stappen is een algemene procesaanpak voor het beoordelen van de geschiktheid van alternatieve grondstoffen voor beton weergegeven, met de mogelijkheid tot het opstellen van een CROW Aanbeveling hiervoor. Echter door een graduele toetsing met go/no-go momenten kan geen zekerheid geboden worden op het verloop en de uitkomst van dit proces.

Beton1. Quick scan

Quick scan, uit te voeren door de KIWA Technische Commissie Nieuwe Grondstoffen, de PAR Beton zelf of via een op te stellen ‘pre-advies’ in opdracht van de PAR Beton.

Dit is een eerste vooronderzoek, op basis van geleverde informatie door de aanvrager/producent dat een grondstof kan worden toegepast in beton, waarmee aannemelijk gemaakt kan worden dat toepassing van de grondstof potentie heeft voor de betonsector. Vervolgens kan dan een eventuele aanvullende onderzoeksbehoefte worden geformuleerd aan de hand van bijvoorbeeld SBRCURnet Kennispaper 685.15 ‘Beoordelingsmethodiek geschiktheid alternatieve grondstoffen voor beton’ en/of een risico inventarisatie (FMEA = Failure Mode Effect Analysis). Een bij de KIWA TC Nieuwe Grondstoffen gevolgd vooronderzoekstraject geeft de PAR Beton meestal voldoende inzicht in de potentie om ermee door te gaan of niet.

Formeel zijn de commissie bij KIWA en programmaraad bij CROW gescheiden, maar we gaan er als volgt praktisch mee om:

  • De KIWA TC Nieuwe Grondstoffen kan als eerste reactie op een aanvraag beoordelen of de gang naar CROW voor het opstellen van een Aanbeveling zinvol is (waar via een werkgroep nader onderzoek wordt gedaan). Het is in ieder geval nuttig om het KIWA-standpunt te kennen en te gebruiken voor vervolgstappen.
  • De PAR-Beton kan zelf een besluit nemen over het al of niet opstarten van een CROW-werkgroep voor een degelijk onderzoekstraject.
  • Indien twijfel bestaat of verder onderzoek zinvol is kan eerst een pré-adviescommissie worden ingesteld die denkkracht bundelt om tot een pré-advies te komen. Tijdbesteding, kosten en uitkomst hiervan zijn voor risico van de aanvrager (met een go/no-go besluit door de PAR Beton).

Stap 1 (‘quick scan’) kan worden gedaan voor alle grondstoffen die door producenten bij KIWA TC Nieuwe Grondstoffen worden aangeboden voor certificering. Als de grondstof valt onder de gebruikelijke materialen kan dit volgens de bestaande BRL’s plaats vinden, voor de ongebruikelijke materialen wordt in beginsel verwezen naar CROW. Als de ‘quick scan’ door de TC is onderbouwd en akkoord is, gaan de bevindingen naar CROW.

2. CROW-projectplan, CROW-werkgroep en zorgvuldig onderzoek

  1. Door CROW: het opstellen van een projectplan en het samenstellen van een bredere deskundige CROW-werkgroep. CROW bewaakt de eigen capaciteit en die van de externe werkgroepleden. Het projectplan wordt door de CROW-werkgroep zonodig uitgebreid met benodigd aanvullend onderzoek om tot de conclusie te kunnen komen of de aangeboden grondstof wel of niet kan worden toegepast in betonwaren of een betonconstructie. En dat beschouwd in de diverse levensduurfasen; van productie beton via bouw tot en met sloop en hergebruik van materialen. Het aangepaste projectplan wordt vastgesteld door de breed samengestelde CROW-werkgroep. Financiering van het gehele CROW-traject incl. het onderzoek behoort plaats te vinden door de aanvrager/producent.
Het uiteindelijke projectplan wordt ten behoeve van het Onderwerp en Toepassingsgebied bij de NEN normcommissie Beton en NEN sub-commissie TGB Betonconstructies ter informatie en afstemming voorgelegd.
  1. Door CROW: het laten uitvoeren van het aanvullende, zorgvuldige onderzoek, analyseren van de resultaten en trekken van conclusies door de CROW-werkgroep.

Met de resultaten van het aanvullende onderzoek krijgt de CROW-werkgroep meer inzicht en ontstaan er mogelijk nieuwe vragen. Besproken moet worden hoe die te beantwoorden. Als de resultaten uiteindelijk voldoende basis bieden voor een betrouwbare toepassing van de grondstof, dan wordt er een CROW Aanbeveling opgesteld. Indien er onvoldoende basis is, kan de CROW-werkgroep geen CROW Aanbeveling opstellen (met een go/no-go besluit door de CROW-werkgroep en ter informatie aan de PAR Beton).

3. Opstellen van een CROW-Aanbeveling

Met de kennis van de uitkomsten van het onderzoek wordt door of in opdracht van de CROW-werkgroep een CROW Aanbeveling opgesteld. Afstemming van de CROW Aanbeveling met de desbetreffende NEN-normcommissie Beton en NEN sub-commissie TGB Betonconstructies vindt plaats en eventuele aanpassingen worden doorgevoerd, op basis van het advies van NEN (met een go/no-go besluit door de CROW-werkgroep). Eén en ander zodanig dat de definitieve CROW Aanbeveling niet strijdig is met geldende NEN-normen.

4. Aanpassen BRL (Beoordelingsrichtlijn)

Als vervolg kan het opstellen of aanpassen van een BRL plaatsvinden onder de vlag van de desbetreffende certificerende instantie.

5. Overige aspecten

  • Een overzichtslijst van de beoordelingstrajecten, wordt openbaar gemaakt via de CROW-website.
  • Financiering van het project inclusief onderzoek geschiedt door aanvrager/indiener. In beginsel zijn dan de onderzoeksresultaten bij CROW beschikbaar en heeft CROW het verspreidingsrecht via een CROW-CUR Aanbeveling en Achtergrondrapport. Tegen de gebruikelijke voorwaarden kunnen deze door iedereen worden verkregen.
  • Kunnen andere organisaties dan de financiers de beschikking krijgen over de informatie, ook in het geval dat geen Aanbeveling kan worden opgesteld?
    • CROW laat dit besluit in 1e instantie over aan de financiers, of zij de onderzoeksrapporten willen delen met anderen.
    • Bij het opstellen van een CROW-CUR Aanbeveling komt er meestal ook een achtergrondrapport beschikbaar, tenzij belangen van betrokkenen worden geschaad.
    • Derden kunnen niet zonder meer alle onderzoeksresultaten (rapporten) verkrijgen of opeisen.
Voor specifieke informatie over het opstarten van bovengenoemd proces voor het opstellen van een CROW Aanbeveling kunt u contact opnemen met de de betreffende begeleider op dit gebied: ad.vanleest@crow.nl.

CROW, Ede, juli 2020

Meer informatie alle CUR Aanbevelingen en de nieuwste CROW-CUR Aanbevelingen.

Scroll naar boven