Grip op bitumen

Zowel afnemers als producenten hebben belang bij helderheid over de rol van bitumen in asfalt, de impact van veranderingen in bitumen op die kwaliteit en de rol van ontwikkelingen op het gebied van raffinage, logistiek (handel) en ook andere grondstoffen. Met de globalisering van de bitumenleveranties komen ook bitumina Nederland binnen die kwalitatief kunnen afwijken van wat men gewend zijn. Met dit project wil de werkgroep een brug slaan tussen de productie en de afname van bitumen.

Doelstellingen

Het project heeft de volgende doelstellingen geformuleerd:
  1. Het beschrijven van de state-of-the-art op het gebied van bitumenontwikkelingen en asfaltgedrag.
  2. Het beschrijven van relevante bitumenkenmerken en de spreiding in die kenmerken.

Aanpak

Voor de uitvoering van het project is een werkgroep ingericht, die zich zal bezighouden met het formuleren van antwoorden op de volgende vragen:
  • Wat zijn de mogelijke problemen met de kwaliteit van bitumen en, hoe worden de mogelijke oorzaken beleefd?
  • Hoe steekt bitumen in elkaar? En hoe moeten we dit bekijken in het kader van het feit dat we buiten ons ervaringsgebied komen?
  • Wat zijn afgeleide eigenschappen van asfalt die aan het bindmiddel worden gesteld, ongeacht biobased, polymeermodificatie, penetratiewaarde et cetera.?
  • In hoeverre passen alternatieve bindmiddelen in de huidige specificaties?
  • Is het reëel te vragen of specifieke bitumen gemaakt kan worden of is er een gegeven product waar we mee moeten werken?
 
Met betrekking tot het bereiken van de doelstellingen is het volgende van belang:
  • De probleeminventarisatie vindt plaats vanuit zowel de producenten als de gebruikers van bitumen.
  • Ontwikkelingen op het vlak van bitumenproductie in relatie tot de impact op asfalt en de benadering met de huidige specificaties.
  • Welke eigenschappen zijn belangrijk voor asfalt; afgeleide eigenschappen.
  • Het uitgangspunt van het project is de Nederlandse situatie. In een later stadium wordt naar Europa gekeken.
 
Er worden drie acties onderkend:
  1. Relevante aspecten SMART weergeven.
  2. Kennisdocument in Nederland.
  3. Welke eigenschappen van asfalt zijn relevant en daarvan afgeleid, die van het bindmiddel.
 

Begeleidende werkgroep

Het project wordt begeleid door:
  • Sjaak Damen, Kraton
  • Max von Devivere, Eurobitume
  • Foeke Elzinga, Latexfalt
  • Jacob Groenendijk, KIWA KOAC
  • Erik Keijzer, Total
  • Pascal Kregting, Bouwend Nederland - VBW
  • Sayeda Nahar, TNO
  • Kees Plug, Strukton
  • Natascha Poeran, Boskalis Nederland
  • Maykel Roelen, Geos
  • Jeroen van Stek, Latexfalt
  • Wim Teugels, Nynas
  • Geert van Uden, Heijmans
  • Ralph Venema, ESHA
  • Alex van de Wall, KWS
  • Jacques van den Hoorn, NNI (jacques.vandenhoorn@nen.nl)
  • Inge van Vilsteren, RWS-GPO
  • Hans van de Aa, RWS-PPO
  • Riekele de Boer, RWS-WVL

Planning

Voor het opleveren van de verschillende deelproducten is de volgende planning opgesteld:
  • State-of-the-art bitumenontwikkelingen en asfaltgedrag
    • Kennisdocument (Q3-2020)
    • Workshop state of the art (Q4-2020)
    • Presentatie Asfaltdag (Q4-2020)
    • Paper(s) E&E congres 2021
  • Relevante bitumenkenmerken & spreiding
    • Rapport (Q4-2020)

Resultaten

De volgende resultaten zijn inmiddels behaald:

September 2020
Uitkomen van het kennisdocument Bitumen

Praktische kennis direct toepasbaar
Scroll naar boven