Thema Toegankelijkheid
CROW hield op 17 maart het eerste webinar in een reeks over de recent verschenen Leidraad Toegankelijkheid. Onder de titel 'Aan de slag met de Leidraad Toegankelijkheid' namen meer dan zeventig deelnemers deel, variërend van gemeenteprofessionals tot adviseurs en ervaringsdeskundigen.
U kunt deze inhoud niet zien vanwege de cookievoorkeuren.
Het webinar bood een overzicht van de totstandkoming en inhoud van de Leidraad Toegankelijkheid van CROW en besteedde speciale aandacht aan de rol van ervaringsdeskundigheid bij het toegankelijk inrichten van de openbare ruimte. De reeks bestaat uit totaal vier webinars, die elk op een ander thema ingaan.
Wilma Slinger van CROW opende het webinar en verwelkomde de deelnemers. “De Leidraad Toegankelijkheid krijgt vandaag een soort feestelijke doop”, vertelde ze. Ze benadrukte dat de leidraad vorig maand officieel is uitgekomen en grotendeels vrij beschikbaar is gesteld: “We willen dat hij gebruikt gaat worden en bij iedereen bekend wordt.” Wilma lichtte toe dat dit eerste webinar een brede introductie biedt, terwijl de volgende sessies meer inzoomen op specifieke hoofdstukken. Het doel is om gemeenten en andere organisaties concrete handvatten te bieden om de openbare ruimte toegankelijker te maken.
Edwin Thoen (CROW), projectleider van de leidraad, ging in op het proces van totstandkoming. Hij legde uit dat de publicatie het resultaat is van samenwerking tussen verschillende disciplines en organisaties. “We hebben gezocht naar een integrale aanpak”, zei Edwin. “Toegankelijkheid mag geen losse checklist zijn, maar moet onderdeel zijn van alle fasen van een project: van beleidsvorming en ontwerp tot uitvoering en beheer.”
Inhoud van de leidraad: praktisch en integraal
Noa Hamacher van SWECO gaf vervolgens een gedetailleerde toelichting op de inhoud van de leidraad. Volgens haar biedt de publicatie een compleet overzicht van richtlijnen en handvatten om toegankelijkheid in de praktijk te brengen. Ze benadrukte dat de leidraad niet alleen bestaande CROW-publicaties samenvat, zoals de Ontwerpwijzer Voetgangers, maar ook informatie bevat van externe organisaties.
Een belangrijk uitgangspunt is het integraal ontwerpen vanuit design for all, zonder daarbij de kenmerken van specifieke doelgroepen niet uit het oog te verliezen “De leidraad houdt rekening met ouderen, mensen met fysieke of visuele beperkingen en mensen met cognitieve uitdagingen”, legde Noa uit. Deze doelgroepen komen terug in de uiteenlopende thema’s die de leidraad behandelt, van de verschillende vervoermodaliteiten tot route- en reisinformatie.
Een apart hoofdstuk is gewijd aan beheer, onderhoud en handhaving. Noa: “Je kunt een heel mooi ontwerp maken, maar als er losliggende stenen zijn, de verlichting niet werkt of begroeiing een pad blokkeert, is de openbare ruimte alsnog niet toegankelijk.” Ook tijdelijke situaties, zoals wegwerkzaamheden, komen aan bod. Het advies: betrek beheer en onderhoud al vroeg in het ontwerpproces en zorg voor monitoring en evaluatie achteraf.
Noa heeft de leidraad ook al kunnen toepassen in de praktijk. In Nijmegen heeft ze met behulp van de leidraad een handboek toegankelijkheid geactualiseerd en verbreed, inclusief een kaart met basisnetwerk en gebieden waar extra toegankelijkheid nodig is. Bij de RandstadRail-halte Leidschendam werkte ze aan een ontwerp waarbij alle routes naar bushaltes, fietsenstallingen en het station zelf goed toegankelijk zijn. Noa: “Ik hoop dat dit inspireert om met de leidraad aan de slag te gaan en zo de omgeving toegankelijker te maken.”
Waar lopen mensen tegenaan?
Een belangrijk onderdeel van het webinar was het gesprek over de behoeftes van bepaalde groepen en over ervaringsdeskundigheid onder leiding van Wilma Slinger. Hieraan namen Frouck de Boer (Visio Zicht op toegankelijkheid/Kennis over Zien) en Anne de Boer (Alzheimer Nederland) deel. Hun ervaringen maakten duidelijk hoe groot het verschil is tussen ontwerpen op papier en de werkelijkheid in de openbare ruimte.
Anne de Boer vertelde wat mensen met dementie nodig hebben in de openbare ruimte. Ze sprak over een praktijksessie in Amersfoort waarbij deelnemers een route liepen samen met onder andere mensen met dementie en een visuele beperking. Wat een kort rondje leek, bleek een intensieve exercitie: “We deden twee uur over 200 meter, omdat er bij bijna elke stap iets opviel”, vertelde ze. Kleine details, zoals bladeren die een stoeprand onzichtbaar maken, kunnen grote gevolgen hebben voor het gevoel van veiligheid en oriëntatie.
Volgens Anne zit de kracht juist in het samenbrengen van verschillende perspectieven. “Het wordt geen oplossing voor één doelgroep, maar voor iedereen. Wat je oplost voor mensen met een toegankelijkheidsvraagstuk, maakt de openbare ruimte voor iedereen prettiger.”
Frouck de Boer onderstreepte dit en wees op het belang van een brede blik. Discussies over nut en noodzaak – bijvoorbeeld voor kleine doelgroepen – zijn volgens haar nog steeds aan de orde van de dag. “Maar als je toegankelijkheid vanaf het begin goed meeneemt, maak je het voor iedereen beter én voorkom je dure aanpassingen achteraf.”
Kleine fouten, grote gevolgen
Tijdens het webinar werd ook duidelijk hoe kwetsbaar toegankelijkheid is in de uitvoering. Zelfs wanneer er aandacht voor is, kan het in de praktijk alsnog misgaan. Wilma Slinger gaf het voorbeeld van braillepaaltjes bij bushaltes die verkeerd om waren geplaatst. Op papier leek alles in orde, maar in werkelijkheid werkte de voorziening niet.
Volgens de sprekers laat dit zien dat toegankelijkheid een keten is: als één schakel niet klopt, werkt het geheel niet. “Het lijkt een detail, maar het is essentieel,” aldus Frouck de Boer. Dit onderstreept het belang van controle, kennis en betrokkenheid van ervaringsdeskundigen in alle fasen van een project.
Van achteraf corrigeren naar integraal ontwerpen
Een terugkerend thema in het webinar was de noodzaak om toegankelijkheid vanaf het begin mee te nemen. In de praktijk wordt vaak pas laat nagedacht over toegankelijkheid, bijvoorbeeld wanneer een ontwerp al klaar is. Op dat moment zijn aanpassingen vaak lastig en kostbaar. De leidraad stimuleert daarom een andere manier van werken: niet achteraf corrigeren, maar vooraf integraal ontwerpen. Door verschillende perspectieven vroegtijdig te betrekken en gebruik te maken van beschikbare kennis, komen betere en duurzamere oplossingen tot stand.
Doorontwikkeling en vervolg
De Leidraad Toegankelijkheid is geen statisch document. CROW heeft de ambitie uitgesproken om de publicatie jaarlijks te actualiseren, om nieuwe inzichten en ontwikkelingen te kunnen verwerken. Daarnaast wordt gewerkt aan aanvullende kennisproducten, zoals een publicatie over Fiets en inclusie.
Ook de webinarreeks krijgt een vervolg. In de komende sessies gaan we dieper in op specifieke thema’s, zoals openbaar vervoer, lopen, fietsen en parkeren. Daarmee wil CROW professionals verder ondersteunen bij de toepassing van de leidraad in de praktijk.
Meer lezen
Delen via