Thema Brede welvaart
In Noord-Limburg onderzocht Trendsportal, een samenwerkingsverband van acht gemeenten, hoe inwoners zelf de afstand tot werk, zorg en voorzieningen ervaren. Een enquête en gesprekken in de regio brachten de vervoersgelijkheid in kaart. Het laat zien waar systemen goed werken of juist schuren, maar ook wat andere regio's daarvan kunnen leren.
Jezelf verplaatsen van A naar B is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Denk aan een oudere zonder rijbewijs. Een inwoner die moeite heeft met digitale loketten. Of iemand die geen auto kan betalen. En zo zijn er veel meer voorbeelden. Simone Coenen en Tom Jacobs en Trendsportal waren als initiator betrokken bij dit project. Ze vertellen waarom ze dit onderzoek graag wilden doen.
Tom: ”Ik werk al ruim twintig jaar in de mobiliteit. Toen ik begon, ging het vooral over rotondes, verkeerslichten en doorstroming. Hoe krijgen we de auto zo soepel mogelijk over het asfalt? De afgelopen jaren zie je een duidelijke verschuiving. Mobiliteit is geen doel op zich. Het is een middel om mee te kunnen doen in de samenleving.”
”Voor mij persoonlijk is mobiliteit geen probleem. Ik kan overal komen. Hooguit sta ik in de file. Maar er zijn ook mensen voor wie dat helemaal niet vanzelfsprekend is. En als je kijkt waar overheden hun geld in steken, dan is dat vaak het nóg beter maken voor de groep die het al redt. Wij vroegen ons af: hoe zit het met de mensen voor wie bereikbaarheid geen gegeven is?”
Simone: ”Daarnaast merkten we dat het vraagstuk domeinoverstijgend is. Het raakt mobiliteit, maar ook het sociaal domein en ruimtelijke ordening. En die werelden zijn nog niet automatisch met elkaar verbonden. Dan ontstaat de vraag: wie is hier eigenlijk verantwoordelijk?”
Was het lastig om dit onderwerp op de agenda te krijgen?
Tom: ”Niemand zei dat het onbelangrijk was. Maar de reactie was vaak: hoe groot is dat probleem dan? Is het niet geregeld via Wmo-vervoer? Dat gevoel leefde wel. Daarom wilden we het concreet maken. Niet alleen met verhalen, maar ook met cijfers. Hoeveel mensen hebben hier echt last van? En wie zijn dat dan?”
Simone: ”Het kabinetsstandpunt Bereikbaarheid op peil was een mooie kapstok voor dit onderzoek. Dat gaat immers over het behouden en verbeteren van de bereikbaarheid van voorzieningen, banen en goederen, om mee te kunnen doen in de maatschappij.”
Hoe hebben jullie het onderzoek aangepakt?
Simone: ”We hebben twee sporen gecombineerd. Enerzijds een enquête onder inwoners. Daarin vroegen we hoe mensen de bereikbaarheid van werk, zorg, winkels en sociale activiteiten ervaren. We kregen 1088 volledige reacties. Die hebben we afgezet tegen objectieve bereikbaarheidsanalyses in het verlengde van het rapport Bereikbaarheid op peil: hoe ver ligt iets daadwerkelijk, hoe lang doe je erover en wat vind je acceptabel?”
”Daarnaast hebben we focusgroepen georganiseerd. Want juist de kwetsbare doelgroepen bereik je niet altijd via een online enquête. We zijn naar vindplaatsen gegaan: bibliotheken, buurthuizen, plekken waar mensen al komen. Daar hebben we gesprekken met de doelgroep gevoerd.”
Waarom waren die gesprekken zo belangrijk?
Simone: ”Omdat je anders precies de mensen mist waar het om draait. Als je alleen een digitale oproep doet, krijg je vooral reacties van mensen die digitaal vaardig zijn. Terwijl laaggeletterdheid, beperkte digitale, mentale en fysieke vaardigheden of een klein netwerk juist factoren zijn die bereikbaarheid beïnvloeden. Dan moet je naar mensen toe.”
Wat kwam er uit het onderzoek?
Tom: ”De belangrijkste bevinding is dat gemeten en ervaren bereikbaarheid vaak uiteenlopen. Op papier kan iets op fietsafstand liggen. In een GIS-analyse ziet dat er prima uit. Maar als iemand slecht ter been is, geen fiets heeft of onzeker is in het verkeer, dan voelt diezelfde afstand heel anders.”
”We denken vaak: alles staat op een website, dus mensen vinden het wel. Maar uit gesprekken blijkt dat veel mensen niet weten waar ze moeten beginnen. Ze kennen de regelingen niet, begrijpen het systeem niet of raken erin verdwaald.”
Is dat verrassend?
Tom: ”Als je het hoort, denk je: logisch. Maar het wordt pas scherp als je cijfers en verhalen naast elkaar legt. Uit het onderzoek blijkt dat ongeveer 15 procent van de inwoners serieuze moeite heeft om belangrijke bestemmingen te bereiken. Dat gaat om tienduizenden mensen in de regio. Dat is geen marginaal probleem.”
Wat betekent dat voor oplossingen?
Tom: ”De reflex is vaak: dan moeten er meer bussen rijden. Maar het openbaar vervoer staat onder druk. Financieel en qua personeel. Bovendien blijkt uit de analyse dat de auto vrijwel altijd volledige bereikbaarheid biedt, terwijl fiets en ov dat niet doen. De regio is sterk auto-afhankelijk. Meer van hetzelfde systeem is dus niet automatisch de oplossing. Je moet breder kijken.”
Simone: ”En behoeften verschillen. Ouderen zonder rijbewijs of laaggeletterden hebben andere vragen dan jongeren die 's avonds laat thuis willen komen van een feestje. Er is niet één oplossing die voor iedereen werkt. Het vraagt maatwerk.”
Wat bedoelen jullie met 'breder kijken'?
Tom: ”Niet alleen naar mobiliteitssystemen, maar ook naar voorzieningenbeleid. In Noord-Limburg hebben we te maken met vergrijzing en het verdwijnen van voorzieningen uit dorpen. Dan kun je mobiliteit slimmer organiseren, maar je kunt ook kijken: moeten voorzieningen dichterbij komen? Kan een huisarts meerdere kernen bedienen? Kun je werken met mobiele voorzieningen? Dat vraagt samenwerking tussen mobiliteit, sociaal en ruimtelijk beleid. En daar zitten nog schotten.”
Het rapport spreekt over handelingsperspectieven. Welke zijn dat?
Simone: ”Een belangrijke stap is het werken met mobiliteitsambassadeurs. In de regio hebben we al OV-ambassadeurs, vrijwilligers die mensen helpen met het openbaar vervoer. We willen die rol verbreden. Niet alleen uitleg geven over bus en trein, maar ook over Wmo-vervoer, vrijwilligersinitiatieven zoals ANWB AutoMaatje en andere mogelijkheden. Daarnaast denken we onder andere aan mobiliteitsverzamelpunten: fysieke plekken waar verschillende vormen van mobiliteit, informatie en ontmoeting samenkomen.”
Waarom is persoonlijke begeleiding zo belangrijk?
Tom: ”Omdat bereikbaarheid niet alleen een technische kwestie is. Mijn vader is vrijwilliger bij ANWB AutoMaatje. Via hem hoor ik verhalen van mensen die prima kunnen betalen, maar geen idee hebben waar ze moeten beginnen. Ze weten niet wie ze moeten bellen, hoe het ov werkt, wat er mogelijk is. Dat is een heel andere problematiek dan iemand die via een reisplanner zijn route uitzoekt. Bereikbaarheid zit dus ook in kennis, vertrouwen en netwerk.”
Betekent dit dat er extra geld nodig is?
Tom: ”Er gaat al veel geld om in openbaar vervoer en Wmo-vervoer. Wat wij nu voorstellen zijn relatief kleine bedragen in vergelijking met die grote stromen. We hebben als regio een bedrag gereserveerd om dit jaar nog te starten met de eerste uitvoeringsstappen. Belangrijker is dat het onderzoek laat zien dat het om een substantieel deel van de bevolking gaat. Dat helpt om het gesprek over prioriteiten te voeren.”
Wat kunnen gemeenten anders doen?
Tom: ”Bij keuzes over woningbouwlocaties of voorzieningen explicieter meewegen wat dat betekent voor bereikbaarheid van bestaande inwoners. En nadenken over financieringsstromen. Ov is provinciaal gefinancierd, Wmo-vervoer gemeentelijk, ziekenvervoer via verzekeraars. Die systemen opereren los van elkaar. Terwijl het voor de gebruiker één vraag is: hoe kom ik daar?”
Wat kunnen andere regio's hiervan leren?
Simone: ”Beperk je niet tot technische analyses. Die zijn nodig, maar ze vertellen niet het hele verhaal. Ga in gesprek met inwoners. Zoek vindplaatsen op. En zorg dat je vooraf nadenkt over wat je met de uitkomsten gaat doen. Toets deze vervolgens bij de doelgroep om tot een passende oplossing te komen.”
Tom: ”Onderzoek zonder uitvoering verandert niets. Dus begin klein, sluit aan bij bestaande initiatieven en leg verbindingen tussen domeinen. Vaak is er al veel goeds, maar worden de puzzelstukjes nog niet gelegd.”
Wat is voor jullie de belangrijkste les?
Tom: ”Dat bereikbaarheid niet alleen in asfalt en dienstregelingen zit. Het is minstens zo belangrijk om de brug te slaan tussen de systeemwereld en de leefwereld van de verschillende doelgroepen. Als je dat niet meeneemt, mis je een groot deel van het verhaal.”
Simone: ”En dat dit geen project van een paar maanden is. We hebben nu inzicht. De volgende stap is zorgen dat het buiten op straat merkbaar wordt. Maar ook dat de onderlinge samenwerking wordt versterkt. Want we hebben hetzelfde doel: sociale inclusie. We willen onze regio nóg mooier maken voor haar inwoners en bezoekers.”
Meer lezen
Delen via