Werken in en met verontreinigde bodem

Bij het werken in en met verontreinigde bodem is het van belang dat er aandacht wordt besteed aan de veiligheids- en gezondheidsaspecten. De kennis wordt beheerd en up-to-date gehouden door het CROW-platform 'Werken in en met verontreinigde bodem'. De kennis is gebundeld in publicatie 400: Werken in en met verontreinigde bodem.

Nieuwe richtlijn

Publicatie 132 is al enige tijd geleden vervangen door publicatie 400 met de titel ‘Werken in en met verontreinigde bodem’. In de nieuwe richtlijn zijn alle werkzaamheden in of met verontreinigde bodem opgenomen. Zowel de uitgangspunten van ‘Werken in of met verontreinigde grond’ (publicatie 132) als die van ‘Kabels en leidingen in verontreinigde bodem’ (publicatie 307) zijn samengenomen en teruggebracht tot één richtlijn.

Heeft u al een abonnement op de CROW Online Kennismodule Werken in en met verontreinigde bodem? Dan geeft dat abonnement automatisch toegang tot de vernieuwde publicatie.

Nieuwe en aangepaste SRC-waarden

Om de nieuwe veiligheidsklassen te bepalen wordt gebruik gemaakt van verschillende toetswaarden (Interventiewaarde, SRC-waarde). In juni 2019 zijn de toetswaarden aangepast door rekening te houden met blootstellingsroutes. In september 2019 zijn toetswaarden voor PFAS toegevoegd.
Hier kunt u de meest recente tabel met toetswaarden downloaden evenals de toelichting bij de aanpassingen van juni 2019 en september 2019:
 

Aangepaste rekentool: Kennismodule bepaling veiligheidsklasse (versie 2.1)

Tegelijk met het aanpassen van de toetswaarden in juni zijnook de toetswaarden in de Kennismodule bepaling Veiligheidsklasse geactualiseerd (versie 2.1). Deze rekentool biedt verschillende functionaliteiten en berekent, op basis van de verontreinigingssituatie, de van toepassing zijnde veiligheidsklasse. Deze veiligheidsklasse bepaalt vervolgens welke maatregelen u moet nemen en welke deskundigheid u moet inschakelen.

Introductiebijeenkomst

Wilt u een incompany bijeenkomst organiseren om uw mensen te informeren over de (impact van de) nieuwe richtlijn? Neem dan contact op met Henk Deenik via henk.deenik@crow.nl of 0318 - 69 53 42.

Nieuwe opleiding- en ervaringseisen

Aanscherping eisen en introductie R-DLP

Als onderdeel van de nieuwe richtlijn (CROW-publicatie 400) zijn ook de opleidings- en ervaringseisen vernieuwd, voor personen die ingezet worden bij de voorbereiding en uitvoering van werkzaamheden in en met verontreinigde bodem. Belangrijke wijziging daarbij is de introductie van de R-DLP: de Geregistreerd Deskundig Leidinggevende Projecten. Andere wijziging is dat de opleidings- en ervaringseisen voor de reeds bestaande OPM en DLP scherper en meer gestructureerd zijn omschreven dan in de ‘oude situatie’.
Inzet van de R-DLP is volgens de richtlijn straks verplicht voor de zwaardere veiligheidsklassen. Ten opzichte van de reguliere DLP worden aan een R-DLP vooral extra eisen gesteld ten aanzien van het uitvoeren van luchtkwaliteitsmetingen. Het predicaat R-DLP kan verkregen worden door het met goed gevolg afleggen van het centrale R-DLP examen bij CROW, waarna de betreffende kandidaat wordt ingeschreven in het openbare R-DLP register.

Planning opleidingen (R-)DLP

De (nieuwe) toets- en eindtermen voor de R-DLP, alsmede de vernieuwde toets- en eindtermen voor de DLP, zijn onderdeel van de nieuwe CROW-publicatie 400. Opleiders kunnen hun opleidingen (tot DLP of R-DLP) daarop af gaan stemmen. CROW geeft deze opleidingen niet zelf, aangezien CROW het centrale examen R-DLP gaat beheren en de rollen van opleider en examinator wil scheiden.
Wilt u opgeleid worden volgens de meest actuele richtlijn? Dan adviseren wij u om expliciet te verifiëren of de opleider van uw keus daadwerkelijk de nieuwe toets- en eindtermen hanteert, zowel voor de vernieuwde DLP opleiding als de R-DLP opleidingen.

Planning centraal examen R-DLP

Een kandidaat R-DLP kan aantonen te voldoen aan de betreffende toets- en eindtermen uit CROW-publicatie 400 door het met goed gevolg afleggen van het centrale, onafhankelijke examen bij CROW. In dat geval ontvangt de kandidaat een R-DLP certificaat van CROW en wordt hij/zij ingeschreven in het openbare R-DLP register van CROW. Daarin kunnen derden (bijvoorbeeld werkgevers of opdrachtgevers) altijd controleren of iemand een erkende R-DLP is. Er worden geen expliciete eisen gesteld aan de toelating tot het examen of de opleiding die je vooraf moet hebben gedaan. Het examen is van dien aard dat alle toets- en eindtermen worden geverifieerd. CROW beveelt voor het met goed gevolg kunnen afleggen van het R-DLP examen een HBO werk- en denkniveau aan met gedegen kennis van CROW-publicatie 400.
Het examen voor de R-DLP bestaat uit een theorie- en praktijkgedeelte. De eerste openbare examens zijn afgenomen in het voorjaar van 2018.

Overgangstermijn

Na het verschijnen van de nieuwe richtlijn CROW-publicatie 400 hebben partijen tijd nodig gehad voor de implementatie. Daartoe is een overgangstermijn van een jaar gehanteerd (tot 1 januari 2019), daarna wordt verwacht dat personen en partijen werken volgens de nieuwe richtlijn. Dat geldt dus ook voor het voldoen aan de diverse opleidings- en ervaringseisen (zowel door opleiders als door kandidaat DLPers). Certificaten van bestaande, ‘reguliere’ DLPers blijven geldig tot het einde van bovengenoemde overgangstermijn (1 januari 2019), daarna moet een DLPer kunnen aantonen dat hij/zij voldoet aan de nieuwe toets- en eindtermen.
Verloopt uw DLP-certificaat al vóór 1 januari 2019? Dan heeft u de keuze om een nieuw certificaat DLP (volgens de nieuwe toets- en eindtermen) te halen of om uw R-DLP certificaat te behalen. Dit is afhankelijk van de situaties waarin moet kunnen worden gewerkt. Zie hiervoor Module 5 van CROW 400. De kwalificatie R-DLP is nieuw en kan dus vanaf het voorjaar van 2018 worden behaald.

Veelgestelde vragen rondom de richtlijn werken in en met verontreinigde bodem worden voor u beantwoord.
Terug naar 'Verontreinigde bodem'
Submenu openen

Werken in verontreinigde grond

Mét CROW  onzichtbaar goed geregeld
Scroll naar boven