Werken in en met verontreinigde bodem

Bij het werken in en met verontreinigde bodem is het van belang dat er aandacht wordt besteed aan de veiligheids- en gezondheidsaspecten. De kennis wordt beheerd en up-to-date gehouden door het CROW-platform 'Werken in en met verontreinigde bodem'. De kennis is gebundeld in publicatie 400: Werken in en met verontreinigde bodem.

Publicatie CROW 400

Publicatie 132 is in december 2017 vervangen door publicatie 400 met de titel ‘Werken in en met verontreinigde bodem’. In deze richtlijn zijn alle werkzaamheden in en met verontreinigde bodem opgenomen. Zowel de uitgangspunten van ‘Werken in of met verontreinigde grond’ (publicatie 132) als die van ‘Kabels en leidingen in verontreinigde bodem’ (publicatie 307) zijn samengenomen en teruggebracht tot één richtlijn.

Heeft u al een abonnement op de CROW Online Kennismodule Werken in en met verontreinigde bodem? Dan geeft dat abonnement automatisch toegang tot de publicatie.
 

SRC-waarden

Om de nieuwe veiligheidsklassen te bepalen wordt gebruik gemaakt van verschillende toetswaarden (Interventiewaarde, SRC-waarde). In juni 2019 zijn de toetswaarden aangepast door rekening te houden met blootstellingsroutes. In september 2019 zijn toetswaarden voor PFAS toegevoegd. In december 2020 is een kolom met het kenmerk CM (carcinogeen/mutageen) en R (reproductie toxisch) toegevoegd.
Regelmatig worden kleine correcties doorgevoerd. Hier kunt u de meest recente tabel met toetswaarden downloaden::

Rekentool: Kennismodule bepaling veiligheidsklasse (versie 2.1)

Tegelijk met het aanpassen van de toetswaarden in juni zijnook de toetswaarden in de Kennismodule bepaling Veiligheidsklasse geactualiseerd. Deze rekentool biedt verschillende functionaliteiten en berekent, op basis van de verontreinigingssituatie, de van toepassing zijnde veiligheidsklasse. Deze veiligheidsklasse bepaalt vervolgens welke deskundigheid u moet inschakelen, en is een leidraad voor de deskundige bij het vaststellen van maatregelen die genomen moeten worden.

Incompany bijeenkomst

Wilt u een incompany bijeenkomst organiseren om uw mensen te informeren over de werkwijze van deze richtlijn? Neem dan contact op met Henk Deenik via henk.deenik@crow.nl of 0318 - 69 53 42.
 

Opleiding- en ervaringseisen

Aanscherping eisen en introductie R-DLP

Als onderdeel van de richtlijn (CROW-publicatie 400) zijn ook de opleidings- en ervaringseisen aangescherpt, voor personen die ingezet worden bij de voorbereiding en uitvoering van werkzaamheden in en met verontreinigde bodem.
Belangrijke wijziging daarbij is de introductie van de R-DLP: de Geregistreerd Deskundig Leidinggevende Projecten. Andere wijziging is dat de opleidings- en ervaringseisen voor de reeds bestaande OPM en DLP scherper en meer gestructureerd zijn omschreven dan in de ‘oude situatie’.
Inzet van de R-DLP is volgens de richtlijn straks verplicht voor de zwaardere veiligheidsklassen. Ten opzichte van de reguliere DLP worden aan een R-DLP vooral extra eisen gesteld ten aanzien van het uitvoeren van luchtkwaliteitsmetingen. Het predicaat R-DLP kan verkregen worden door het met goed gevolg afleggen van het centrale R-DLP examen bij CROW, waarna de betreffende kandidaat wordt ingeschreven in het openbare R-DLP register.


Opleidingen (R-)DLP

De toets- en eindtermen voor de R-DLP, alsmede de toets- en eindtermen voor de DLP, zijn onderdeel van CROW-publicatie 400. Opleiders kunnen hun opleidingen (tot DLP of R-DLP) daarop afstemmen. CROW geeft deze opleidingen niet zelf, aangezien CROW het centrale examen R-DLP beheert en de rollen van opleider en examinator gescheiden wil houden.
Wilt u opgeleid worden volgens de meest actuele richtlijn? Dan adviseren wij u om expliciet te verifiëren of de opleider van uw keus daadwerkelijk de toets- en eindtermen hanteert conform CROW 400, zowel voor de vernieuwde DLP opleiding als de R-DLP opleidingen.
 

Centraal examen R-DLP

Een kandidaat R-DLP kan aantonen te voldoen aan de betreffende toets- en eindtermen uit CROW-publicatie 400 door het met goed gevolg afleggen van het centrale, onafhankelijke examen bij CROW. In dat geval ontvangt de kandidaat een R-DLP certificaat van CROW en wordt hij/zij ingeschreven in het openbare R-DLP register van CROW. Daarin kunnen derden (bijvoorbeeld werkgevers of opdrachtgevers) altijd controleren of iemand een erkende R-DLP is. Er worden geen expliciete eisen gesteld aan de toelating tot het examen of de opleiding die je vooraf moet hebben gedaan. Het examen is van dien aard dat alle toets- en eindtermen worden geverifieerd. CROW beveelt voor het met goed gevolg kunnen afleggen van het R-DLP examen minimaal MBO werk- en denkniveau aan met gedegen kennis van CROW-publicatie 400.
Het examen voor de R-DLP bestaat uit een theorie- en praktijkgedeelte. De eerste openbare examens zijn afgenomen in het voorjaar van 2018.


Overgangstermijn

Na het verschijnen van CROW-publicatie 400 hebben partijen tijd nodig gehad voor de implementatie. Daartoe was een overgangstermijn van een jaar gehanteerd (tot 1 januari 2019), daarna wordt verwacht dat personen en partijen volledig werken volgens de nieuwe richtlijn. Dat geldt dus ook voor het voldoen aan de diverse opleidings- en ervaringseisen (zowel door opleiders als door kandidaat DLPers/R-DLP’ers).
 

Veelgestelde vragen rondom de richtlijn werken in en met verontreinigde bodem worden voor u beantwoord.
Terug naar 'Verontreinigde bodem'
Submenu openen

Werken in verontreinigde grond

Scroll naar boven