Beschikbaarheid

Trends over de ov-beschikbaarheid

Trend over periode 2003 - 2015


Het PBL had met de hiervoor beschreven methode al berekeningen gedaan voor de jaren 2003 en 2008. Voor de jaren 2013 en 2015 voerde het planbureau ze uit op verzoek van CROW-KpVV. Met de cijfers van vier jaren in de hand kunnen uitspraken worden gedaan over trends.

Ov-bereikbaarheid Randstad


Uit de gegevens van tabel 7 kan worden geconcludeerd dat landelijk de ov-beschikbaarheid de afgelopen twaalf jaar steeds verder verbeterde, maar nu lijkt te stagneren. Hierbij moet de kanttekening geplaatst worden dat reizigers in veel gevallen ook gebruik kunnen maken van een Regiotaxisysteem of een ander vraagafhankelijk systeem. Deze systemen maken geen deel uit van het vaste ov-aanbod, dat in het GIS is opgenomen. De systemen functioneren vaak in de ‘witte vlekken’ van het reguliere ov. Overigens is het ov-deel van de Regiotaxi in enkele gebieden geschrapt. In tabel 7 is de ontwikkeling van de ov-beschikbaarheid naar ov-autoriteit weergegeven. Niet verrassend halen de Randstad-overheden de hoogste percentages.

We zien tussen 2013 en 2015 het aandeel inwoners met ov in de buurt sterk stijgen in Gelderland (met 1,2 procent) en verder in Fryslân, Zuid-Holland en Noord-Holland, elk met 0,3 procent. Niet onverwacht daalt de
ov-beschikbaarheid sterk in Zeeland (met 2,4 procent) en in mindere mate in Drenthe (1,1%) en Flevoland (0,5%). De Zeeuwse daling van de ov-beschikbaarheid heeft alles te maken met de nieuwe concessie. Verschillende lijnen zijn toen vervallen of vervangen door een buurtbus of de vraagafhankelijke Haltetaxi. 

Bereikbaarheid trein


Het aandeel inwoners binnen het invloedsgebied van treinstations blijft stijgen (zie tabel 8). Meer dan de helft van de inwoners van het land woont binnen een straal van twee kilometer van een station of drie kilometer van een Intercitystation. De Vervoerregio Amsterdam kent de grootste beschikbaarheid, Drenthe de kleinste. Dankzij de opening van nieuwe stations groeit de treinbeschikbaarheid tussen 2003 en 2015 flink in Groningen, Gelderland, Flevoland en Utrecht.

Arbeidsplaatsen binnen bereik ov


De ov-beschikbaarheid kan ook worden bezien vanuit de locatie van het aantal arbeidsplaatsen. Uit tabel 9 blijkt dat in 2015 van de ruim 6,6 miljoen banen in ons land 88,2 procent een ov-halte of station in de nabijheid had. Dat is een iets hoger percentage dan in de eerdere onderzoeksjaren. Opvallend is dat het aandeel arbeidsplaatsen binnen de ov-cirkels afneemt in Groningen, Drenthe, Gelderland en Zeeland. Daarentegen neemt dit aandeel toe in de Randstad, Noord-Brabant en Limburg.

Arbeidsplaatsen in relatie tot metro, sneltram en tram


Een groot aandeel van de arbeidsplaatsen in de stadsregio’s Amsterdam en MRDH valt binnen het debiet van tram en metro. In Utrecht is dat logischerwijs veel minder het geval. Met de komst van de Uithoflijn gaat dat veranderen. Opvallend is de terugval na 2008 van het aandeel in Utrecht. Deze is het gevolg van de opheffing van de tijdelijke tram in Houten, die eigenlijk de rol van trein vervulde. Verder valt op dat de percentages banen bij tramen metrohaltes tussen 2013 en 2015 licht zijn teruggelopen.

Inzoomend op het gemeenteniveau valt te constateren dat tussen 2003 en 2015 het aantal arbeidsplaatsen binnen bereik van tram daalt in Utrecht-stad (van 26,4 naar 16,0 procent). Dit komt door het terugleggen van het eindpunt naar het Jaarbeursplein. Hetzelfde zien we in Amstelveen (van 62,0 naar 51,5 procent), Ouder-Amstel (van 49,3 naar 33,8 procent), Delft (van 42,6 naar 38,0 procent) en Albrandswaard (van 28,1 naar 22,8 procent). Stijgers zijn Vlaardingen (nieuwe tram), Lansingerland Westland en Pijnacker-Nootdorp (alle drie door RandstadRail).

Staat van het ov
Scroll naar boven