Claimgedrag aan banden: Spelregels d&c-contract op de schop

14-02-2018

Torenhoge claims neerleggen bij bouwers is straks zinloos. In de spelregels voor geïntegreerde contracten komen bepalingen over wie waarvoor aansprakelijk is. De oneindige verantwoording voor gevolgschade van bouwfouten verdwijnt.

Goede samenwerking en inperking van claimgedrag heeft hoge prioriteit bij de herziening van de UAV-GC 2005. Prof. Chris Jansen was 20 jaar geleden een van de bedenkers van de contractvoorwaarden en nu weer betrokken bij de modernisering.

Onzekerheid over hoge claims

“De onzekerheid over de hoogte van claims leeft vooral bij marktpartijen. ‘Waar houdt het op’ is dan de legitieme vraag. Het Burgerlijk Wetboek geeft daarvoor al degelijke vangnetten, maar bouwers ervaren dat als onzeker en risicovol. Want het is onvoldoende voorspelbaar of en hoe een rechter zo’n vangnet toepast.

Redelijkheid en billijkheid is ook hier het uitgangspunt, waarbij projectsom en draagkracht van de onderneming beperkende factoren zijn. Voor het eerst ligt het voorstel op tafel om daarover bepalingen op te nemen in de UAV-GC. Een onderwerp dat wel tot veel discussie leidt.” De discussie krijgt een extra dimensie door de ingestorte parkeergarage in Eindhoven en de discussie over breedplaatvloeren waar ook een reeks van claims is te verwachten.

Uitlokking van strategisch gedrag

Definitieve knopen zijn nog niet doorgehakt, maar de bedoeling is om geen bedragen te noemen en contouren te schetsen. Jansen heeft daarvoor een uitgebreide sessie achter de rug met verzekeraars over verzekerbaarheid van risico’s. Er heerst grote terughoudendheid met het vastleggen van getallen over percentages. “Dat lokt weer strategisch inschrijfgedrag uit.”

Na ruim een jaar polderen met alle sectorvertegenwoordigers gaat het herschrijven van de regels beginnen. Ruim dertig knelpunten zijn in kaart gebracht en verschillende bepalingen worden aangepast, maar de essentie blijft fier overeind. De voltallige adviescommissie is er namelijk van overtuigd dat de spelregels in de basis nog steeds goed en evenwichtig werken. Jansen: “Het gaat mis bij de interpretatie en afwijkingen van de algemene contractvoorwaarden. Dus we gaan vooral de toelichtingen aanvullen en verduidelijken, zodat afwijken wordt ontmoedigd.”

Frustratie over risico’s

Juist het afwijken van bepalingen gebeurt op grote schaal, waarbij de opdrachtgever de meeste touwtjes in handen heeft. Kennisplatform CROW wist binnen de kortste keren een waslijst van grieven vanuit de praktijk te verzamelen. Ongenoegen heerst over de risicoverdeling, de bodem, intellectueel eigendom en vergunningen.

Contractexpert Ad van Leest van CROW constateert dat in de praktijk meer dan de helft van de problemen ontstaat door een verkeerde uitleg en ook dat frustratie ontstaat over de onredelijke en onevenwichtige verdeling van verantwoordelijkheid tussen opdrachtgever en opdrachtnemer.

Jaarlijks 250 UAV-GC contracten

Jaarlijks worden ruim 250 bouwcontracten gegund volgens de spelregels van de UAV-GC. Dit heeft het Aanbestedingsinstituut berekend. Het gaat vooral om de grotere d&c-contracten van publieke opdrachtgevers. De variant van de UAV legt veel meer verantwoording bij bouwers. Die krijgen in de praktijk regelmatig te maken met starre interpretaties van de opdrachtgever en ervaren vooral een scheve risicoverdeling.

De grote verliezen die bouwers leden bij de Coentunnel, A15-Maasvlakte Vaanplein en A2 Maastricht zijn daarvan in het oog springende voorbeelden. Hoewel die niet allemaal onder de spelregels van de UAV-GC zijn gecontracteerd, is de discussie daardoor wel opgelaaid. “Uiteindelijk wordt niemand blij van de gevolgen van ‘over de schutting gooien van risico’s’ en zal de geactualiseerde versie van de UAV-GC nog duidelijker maken waarom dat uiteindelijk voor niemand gunstig uitpakt”, stelt Jansen. Daarbij blijft het uitgangspunt overeind dat risico’s horen bij de partij die invloed heeft op de uitkomst.

Groen licht op eerste punten

“We hebben een groslijst gemaakt met meer dan 30 onderwerpen. Samen met opdrachtgevers, bouwers – mkb en grootbedrijf –, ingenieursbureaus, infra, bouw en installateurs en juridische experts. Polderen in blokken van 3 uur waarbij thema’s als aansprakelijkheid, vergunningen en kwaliteitsborging op tafel komen. Stap voor stap komt het tot overeenstemming. De eerste drie onderwerpen hebben groen licht.” Letterlijk: Van Leest houdt op zijn laptop in Excell de lijst bij met de stand van zaken. Onderwerpen in oranje of roze vereisen nog veel overleg, maar nog voor de zomer moet alles rond zijn. Dan volgen de consultatierondes en uiterlijk komend najaar is de UAV-GC2018 dan klaar voor gebruik.

Een belangrijke wijziging is dat één contract in meerdere delen kan worden geknipt zodat het mogelijk wordt sommige onderdelen meer dwingend voor te schrijven. “Het voorschrijven kan op hoofdlijnen in functionele eisen, maar ook tot in de technische details uitgewerkt. Het wordt nu mogelijk om per onderdeel te differentiëren en bijvoorbeeld voor de ruwbouw te werken met functionele eisen, maar de installaties wel helemaal uit te werken.”

Verrassingen in de bodem

Daarnaast zorgen ‘verrassingen’ in de ondergrond regelmatig voor grote tegenvallers. Daarover is afgesproken dat de opdrachtgever aangeeft welke informatie over de bodem juist is en gebruikt kan worden bij een offerte. Afwijkingen die tijdens de uitvoering worden aangetroffen, worden dan aangemerkt als meerwerk.

Ook onderwerpen als kwaliteitsborging, veiligheid op de bouwplaats en de Omgevingswet houden de gemoederen bezig en zullen zeker gevolgen hebben voor de spelregels. De gedachte is dat de vastlegging daarover niet zal afwijken van de UAV-2012. “De uitvoering van dit soort belangrijke onderwerpen moet voor alle bouwprojecten gelijk zijn.”

Het is een breed gezelschap dat meedenkt, waarbij de belangen uiteen lopen en ook heel verschillend over onderwerpen wordt gedacht. Grote verschil tussen nu en 20 jaar geleden is dat partijen meer begrip voor elkaar kunnen opbrengen, valt Jansen op. “Destijds zaten ook alle partijen aan tafel, maar was het onderhandelen vooral knokken, uitruilen en binnenhalen van de eigen punten. Nu durven partijen begrip te tonen voor elkaars standpunten en met elkaar mee te denken om gezamenlijk tot een werkbare oplossing te komen. Dat is echt anders en eigenlijk veel beter”, ziet de hoogleraar het effect van de Marktvisie in de praktijk.

Samenwerken niet in de spelregels

Samenwerken en ‘Best fort project’ zijn onderwerpen die waarschijnlijk niet expliciet in de spelregels zullen terugkomen, ook al was daar een brede lobby voor. “Dat is volgens verschillende andere partijen louter symboliek. Hoe het spel wordt gespeeld tussen opdrachtgever en opdrachtnemer laat zich volgens hen niet afdwingen met regels. Houding en gedrag zijn cruciaal voor het verloop van een goede bouwuitvoering. Je kunt onderling goede afspraken maken en intenties in een contract vastleggen, maar daarvoor heb je de UAV-GC niet nodig. In de toelichting zullen we overigens wel suggesties doen over het vastleggen van samenwerking.” Jansen weet als geen ander hoe bouwprojecten kunnen vastlopen als opdrachtgeer en opdrachtnemers niet meer met elkaar praten. Hij gaf bindend advies over de torenhoge claims bij de A15 MaVa, maar weet zich nog goed te herinneren dat in de bouwkeet van A-Lanes mooie posters hingen over ‘best for project’. “Dat zegt dus helemaal niets over de praktijk.”

De verliezen bij het mega-project in het Rotterdamse Botlekgebied werden bijna de ondergang van Ballast Nedam. De stroeve verhoudingen vormden dure lessen voor de hele bouwsector: Dit nooit meer. Het was de druppel die ertoe leidde dat alle partijen elkaar opzochten en gezamenlijk de Marktvisie opstelden. De nieuwe inzichten over risico’s en aansprakelijkheid brachten ook de discussie over de UAV-GC op gang.


Bron: Cobouw

Hét jaarlijkse platform waar opdrachtgevers en opdrachtnemers uit de infrasector elkaar ontmoeten. Wees er snel bij, want vóór 16 maart ontvang u € 75,- korting bij inschrijving.
Praktische kennis direct toepasbaar
Scroll naar boven