Automobilisten overschatten reistijd openbaar vervoer 16 mrt 2012

    door Friso Metz

    De meeste automobilisten zien het openbaar vervoer nauwelijks als alternatief voor hun reis. Een veelgenoemde reden hiervoor is het overschatten van de reistijd met het ov. Dit bleek onlangs uit een promotieonderzoek. Hoewel dit al langer bekend was, is het toch een belangrijke constatering.

    Automobilisten denken dat dezelfde reis met het openbaar vervoer twee keer zo lang duurt als met de auto. Gemiddeld genomen is een ov-rit 1,5 keer zo lang als een autorit. Dat een ov-rit langer wordt ingeschat, klopt dus. Maar het verschil is kleiner dan de meeste mensen denken, zo blijkt uit het onderzoek van Job van Exel, die aan de Vrije Universiteit van Amsterdam promoveerde op een onderzoek naar keuzegedrag van reizigers.

    Het onderzoek maakt duidelijk dat het openbaar vervoer negatiever wordt beoordeeld dan dat het is. Een deel van de automobilisten heeft wél een goed beeld van de reistijd met openbaar vervoer. Deze reizigers overwegen veel vaker om trein, metro, tram of bus te pakken. Volgens Van Exel is het nodig dat beleid rond mobiliteitskeuzes zich richt op keuzereizigers. Dit beleid moet inspelen op hun beleving van de vervoerwijzen beleven en op de manier waarop ze keuzes maken.

    Belangrijk feit

    De conclusie dat de beeldvorming over het openbaar vervoer gebaseerd is op onjuiste vermoedens, is belangrijk. Die conclusie is trouwens al vaker getrokken. In dit weblog heb ik er al eens aandacht aan besteed. Zie de theorie van Werner Brög en het onderzoek naar reisgedrag in Worcester. Met het onderzoek van de VU kunnen we nu stellen dat de beeldvorming in Nederland vergelijkbaar is met de landen om ons heen. En voor de Vlaamse lezers van dit blog: ook voor België zal de stelregel opgaan, dat automobilisten de reistijd met het openbaar vervoer overschatten.
     

    Waarom is deze conclusie zo cruciaal?

    De roep is altijd dat het openbaar vervoer eerst flink moet verbeteren, voordat het een interessant alternatief kan zijn voor automobilisten. In de regel blijft die verbetering uit, want het aanleggen van nieuwe, snelle verbindingen is een dure aangelegenheid. Bovendien kosten besluitvorming en realisatie veel tijd. Natuurlijk is het belangrijk om hier op in te zetten. Maar het is onjuist dat dit éérst moet gebeuren. De eerste stap is namelijk dat de beeldvorming van automobilisten over het openbaar vervoer verandert. Dat is mogelijk,  goedkoper en snel te realiseren. Als meer automobilisten een reële inschatting maken, is het aannemelijk dat ze er ook vaker gebruik van maken. Wie niet eens de afweging maakt, zal dat zeker niet doen. De aanpak met dialoogmarketing speelt juist in op het feit dat met het huidige aanbod aan reisalternatieven al veel te winnen is. En helpt om gewoontegedrag te doorbreken.
     

    Is alleen informatie verstrekken genoeg?

    De pers besteedde aandacht aan het onderzoek, maar concludeerde dat het effectief zou zijn om informatie te verstrekken aan automobilisten. Die conclusie is onjuist en dit is ook niet wat Van Exel beweert. Uit gedragskundig onderzoek blijkt dat informatie alléén nauwelijks wat oplevert. Natuurlijk is informatie belangrijk, maar er is meer nodig om mensen over de streep te halen. Je kunt een automobilist wel informatie verstrekken, maar daarmee heb je zijn gewoontegedrag nog niet doorbroken. Het is juist nodig om mensen te motiveren om een andere keuze te maken. Zeker wanneer mensen niet weten hóe ze die andere keuze kunnen maken. Meer hierover is te lezen in het blog over vrijwillige gedragsverandering.

    Diverse projecten laten zien dat mensen juist moeten ervaren dat het openbaar vervoer in sommige gevallen een goed alternatief is. Als mensen dit ervaren, is de kans groot dat ze hun beeldvorming bijstellen. En een keertje vaker het openbaar gebruiken. Automobilisten die hiervoor open staan kun je bijvoorbeeld probeerkaartjes aanbieden. In combinatie met een persoonlijk reisadvies kan dat zoden aan de dijk zetten.

    Lees hier het promotieonderzoek.


    Friso Metz werkt bij het Kennisplatform Verkeer en Vervoer en deelt kennis over mobiliteitsmanagement en het beïnvloeden van reisgedrag.

     

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit bericht

© Copyright 2014 CROW