Terugblik themabijeenkomst Omgevingswet en mobiliteit

Reeks 'Mobiliteit en omgeving'

Het was druk op 30 maart in Utrecht, zowel in de zaal als in de webcast. Zo’n 70 mensen kregen ’s middags informatie aangereikt over het hoe en waarom van de Omgevingswet. Een wet die meer is dan een wet en vooral ook gaat over een nieuwe manier van werken.
 
  • Webcast

    Van de bijeenkomst is een live webcast uitgezonden. De webcast is opgenomen en kunt u in hier terugkijken


     

    Terugblik

    Voorop staat integraliteit bij alles rondom de fysieke leefomgeving. Thema’s als mobiliteit en verkeer horen hier dan ook zeker in thuis.Toch is de sector verkeer en mobiliteit nog niet goed genoeg aangehaakt op dit proces. Het lijkt vooral nog een traject, ingestoken vanuit de RO-sector. Deze bijeenkomst is georganiseerd om onze klanten bewust te maken van de kansen die er liggen om samen te werken aan de omgevingsvisie en het omgevingsplan en op deze manier ook mobiliteit in te brengen.

    Twee spreeksters gingen in op zowel het algemene juridische kader van de Omgevingswet alsook de vertaling naar een omgevingsvisie en een omgevingsplan. Frans Bekhuis gaf namens CROW de aftrap.

    Het stelsel van wetgeving

    Katja Stribos is programmamanager bij het programma ‘aan de slag met de Omgevingswet’ en wist op een toegankelijke wijze aan te geven wat de achtergronden zijn van deze wet en de instrumenten die daarbij horen.
    De planning is dat de wet in 2019 in werking treedt. In deze wet gaan op:
    -    26 wetten (wordt 1 wet)
    -    60 AmvB’s (worden er 4)
    -    70 ministeriële regelingen (wordt er 1)

    Voor verkeer geldt bijvoorbeeld dat de Planwet verkeer en vervoer in deze wet opgaat. In de memorie van toelichting van de wet staat het overzicht van wetten die in de Omgevingswet op zullen gaan.

    Om een gevoel hierbij te krijgen, een voorbeeld: in Amsterdam gaan 400 bestemmingsplannen en een x aantal verordeningen op in 1 omgevingsplan.

    Het stelsel van de Omgevingswet heeft vier verbeterdoelen (presentatie deel 1). De winst van het stelsel is dat het duidelijker wordt voor alle partijen, regels staan overzichtelijk bij elkaar en zijn onderling geharmoniseerd. Ook is er geharmoniseerd als het gaat om wat voor type regel staat op wetsniveau, besluitniveau en regelingniveau. De regelgeving wordt daarmee inzichtelijker, begrijpelijker. Als initaitiefnemer krijg je zoveel mogelijk alleen de regels aangereikt die op jouw situatie van toepassing zijn in plaats van dat je zeven pagina’s moet doorworstelen om tot de conclusie te komen dat de betreffende regels niet op jouw situatie van toepassing zijn.

    Ook komt er meer bestuurlijke afwegingsruimte: Rijksregels zijn soms belemmerend. Je moet lokaal afwegingen kunnen maken om de maatschappelijke doelen van de wet: beschermen én ontwikkelen van de kwaliteit van de leefomgeving waar te kunnen maken. 

    Op dit moment is men bezig om de ministeriële regeling vorm te geven. 

    Iedere gemeente en provincie gaat onder de nieuwe wet een omgevingsvisie en een omgevingsplan maken. Deelplannen gaan op in het visiedocument. Het visiedocument is verplicht voor Rijk/provincie/gemeenten (niet verplicht voor het waterschap maar de wet staat het opstellen van een visie door een waterschap niet in de weg).
     
    In je omgevingsplan kan je begrippen als ‘normen’ en ‘omgevingswaarden’ invulling geven. Als je een bepaalde kwaliteit in een omgevingswaarde vastlegt, moet je dat ook monitoren én als je de waarde niet haalt, er een programma opzetten om te zorgen dat dat wel gebeurt. Bij een norm is die verplichting tot een programma er niet. Het is dus goed nadenken en heel bewust keuzes maken wat je wilt en kan monitoren en handhaven voordat je allerlei normen en omgevingswaarden vaststelt.

    In het omgevingsplan kan je regels stellen op allerlei vlakken, breder gericht dan alleen het terrein van de ruimtelijke ordening. Sowieso wordt het begrip ruimtelijke ordening niet gebruikt bij deze wet. Het gaat om de ‘fysieke leefomgeving’ als centraal begrip.

    Bestemmingsplan versus omgevingsplan

    Katja gaf ook weer waar het onderscheid in zit tussen het huidige bestemmingsplan en het omgevingsplan onder de nieuwe wet. Het omgevingsplan is dynamisch, er is geen actualiseringsplicht. Het geeft meer ruimte voor open normen en geboden en je kan faseren in de tijd of in de ontwikkeling.

    Praktijk gemeente Utrecht

    Mireille Kolnaar is opgavetrekker voor implementatie van de Omgevingswet bij de gemeente Utrecht. Zij gaf in haar verhaal aan hoe Utrecht aan het voorsorteren is op de nieuwe wet. Alles begint uiteindelijk bij de visie, die moet je eerst hebben voordat je zaken concreter gaat maken.

    Voor Utrecht is de Omgevingswet inspiratie om dingen anders te doen, los te laten of juist niet. Niet alles komt bij de gemeente terecht, er zullen altijd zaken centraal geregeld moeten worden, neem een onderwerp als energietransitie.

    Niet alles is nog bekend wat betreft de invoering en uitwerking van de Omgevingwet. Wat wel zeker is, is de invoering van de wet in het voorjaar van 2019. Er wordt veel werkende weg ontwikkeld. Op 1 januari 2020 moet een gemeente bijvoorbeeld klaar staan voor nieuwe soorten vergunningen. Er komen dan bijvoorbeeld minder leges binnen terwijl er meer toezicht nodig is, wie betaalt dat? Dat is een van de vragen die leven.

    Als het gaat om het maken van een Omgevingsvisie is de tip van Mireille: maak die uitnodigend. Je kan op basis van de visie dan makkelijk(er) afwijken van je omgevingsplan. 

    Het Rijk heeft een soort ‘mengpaneel’ gegeven om voor bepaalde normen de keuze te kunnen maken om deze op meer of minder streng te zetten (zie presentatie Mireille). In erfgoed is er bijvoorbeeld niet zo veel ruimte voor lagere normen maar voor andere terreinen kan dat wel gelden. Het Rijk heeft een soort standaardwaarde (voorkeurswaarde) grenswaarden bepaald.

    Tenslotte ging Mireille nog in op het digitaal stelsel dat de implementatie en uitvoering rondom de Omgevingswet moet ondersteunen. Dit moet een landelijk systeem worden waar alle partijen alles voor hun specifieke situatie uit kunnen halen, een mega-operatie.

    Ondersteuning

    Tenslotte kreeg Katja Stribos nog het woord om in haar presentatie (deel 2) nog in te gaan op de ondersteuning die beschikbaar is voor gemeenten. Het gaat dan om digitale informatie, het meedraaien in pilots etc. Iedere gemeente heeft een persoon in de organisatie die de implementatie van de Omgevingswet tot taak heeft dus ga daarmee praten!

    Het Programma ‘Aan de slag met de Omgevingswet’ vraagt aan gemeenten wat zij nodig hebben voor implementatie. Een van de aanwezige gemeenten vraagt zich af  hoe je nu echt werk kan maken van duurzame mobiliteit. Kan je de wet en de manier van werken gebruiken om dat nu wel voor elkaar te krijgen? Dit kan een interessante pilot zijn.

    Conclusies

    Frans Bekhuis (CROW) bracht tenslotte nog de conclusies samen van deze middag. Als je het hebt over kennis rondom invoering van de Omgevingswet gaat het aan de ene kant over het proces: integrale samenwerking, participatie etc. en aan de andere kant  om het inhoudelijk aanhaken van mobiliteit in brede zin. Heb je nu meer handvatten en vrijheden om meer te willen met bijvoorbeeld parkeren, kan je normen stellen op een onderwerp als verkeersslachtoffers? Hoe maak je gebruik van meer speel- en regelruimte als gemeente?

    Deze middag heeft nog niet op alles antwoord gegeven maar CROW gaat er wel vervolgacties op zetten. Niet voor niets was ook Platform31 aanwezig, gezamenlijk willen we de samenwerking en integratie bevorderen tussen ruimte en mobiliteit, ook op dit onderwerp. Twee documenten worden tenslotte nog uitgereikt: de publicatie ‘Meer bereiken met een brede blik op mobiliteit’ en een overzicht van interessante bronnen en links over de Omgevingswet
     

    Overige themabijeenkomsten uit de reeks

    • 11 mei 2017: De voetganger en de omgeving | terugblik
    • 6 juli 2017: Mobiliteit en de werkomgeving | geannuleerd
    • 21 september 2017: Mobiliteit en gedragsbeïnvloeding
    • 16 november 2017: Mobiliteit en krimpgebieden/plattelandsgebieden
Klantenservice
ma. t/m vr. van 8.30 tot 17.00 uur
Scroll naar boven