3. Luchtkwaliteit

Om aan de normen voor luchtkwaliteit te kunnen voldoen kan een pakket aan maatregelen worden ingezet. Wat betreft de gemeentelijke luchtkwaliteit is de gemeente de verantwoordelijke overheid voor het nemen van maatregelen. 

Het NSL bevat verkeersmaatregelen

De meeste gemeenten met luchtkwaliteitsproblemen, hebben voor het NSL een actieplan luchtkwaliteit opgesteld met daarin de door de gemeente verkozen maatregelen. Maatregelen uit deze actieplannen zijn vaak opgenomen in de Regionaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (RSL) opgesteld door de NSL-gemeenten. Omdat het niet alleen maar nieuwe maatregelen betreft, is het zaak voor de gemeente om helder te hebben welke maatregelen onder het NSL vallen en dus behouden zouden moeten blijven bij eventuele bezuinigingen. Onderstaande taartdiagram geeft een overzicht van alle maatregelen die in het NSL zijn opgenomen, onderverdeeld naar type. In het NSL zelf zijn alle projecten beschreven. Uit deze diagram blijkt duidelijk dat voor het verschonen van luchtkwaliteit een palet aan maatregelen wordt ingezet:
 
Bron: Monitoringsrapportage NSL 2013, RIVM
 
 
 

NSL lost problemen niet op

Bij de vaststelling van het NSL in 2009 was de verwachting dat het maatregelenpakket van het NSL voldoende was om aan de normen voor NO2 en fijn stof te voldoen. Uit de monitoringsrapporten van het NSL blijkt echter dat in Nederland in 2015 en 2016 niet overal voldaan werd aan de norm voor NO2.
 

Kosteneffectieve maatregelen

In 2019 lanceerde de gemeente Amsterdam het Actieplan Schone Lucht. De maatregelen richten zich op communiceren (de wenselijkheid over het voetlicht krijgen), faciliteren (zorgen dat e-vervoer in praktijk mogelijk is), stimuleren (bevorderen van gewenst gedrag) en reguleren (inzetten van regelgeving). De verwachting is dat de gemeente Amsterdam hierdoor in 2030 zo goed als uitstootvrij is, waardoor de gemiddelde Amsterdammer 3 maanden langer leeft (de huidige luchtkwaliteit zorgt ervoor dat de gemiddelde Amsterdammer een jaar korter leeft). De gemeente heeft niet op alle onderdelen van de luchtkwaliteit invloed.
 

Klik om te vergroten

De gemeente pakt haar verantwoordelijkheid en probeert zoveel mogelijk vervuilingsbronnen weg te nemen, waarbij ze haar energie inzet op de bronnen waar ze de meeste invloed op heeft: het verkeer, de passagiers- en pleziervaart, biomassa/houtstook en de mobiele werktuigen (zie figuur hierboven).

De planning die Amsterdam aanhoudt is enerzijds te bestempelen als ‘van binnen naar buiten’ en anderzijds als ‘van zakelijk naar privaat’: het centrum is in 2022 uitstootvrij voor ov-bussen en touringcars. In 2025 is het wegverkeer en de pleziervaart binnen de ring A10 uitstootvrij, behalve voor personenauto’s en motoren. In 2030 is al het verkeer in de bebouwde kom uitstootvrij. Om dit te bereiken heeft de gemeente onder andere convenanten afgesloten met betrokken partijen.
 

Klik om te vergroten

Dat er in eerste instantie wordt ingezet op de vrachtverkeer, bestelbussen en OV-bussen is te verklaren uit het onderzoek van TNO. Hoewel er veel minder kilometers worden gereden stoten vrachtauto's meer en bestelauto's evenveel NO2 uit als personenauto's.
 

Klik om te vergroten

Duurzame mobiliteit
Submenu openen

Lokale maatregelen

Scroll naar boven