Participeren gebeurt niet om het participeren 11 feb 2019

    samenwerkenOverheden kunnen onderling leren van de manieren waarop inwoners betrokken zijn bij maatschappelijke vraagstukken. Het belangrijkst? Hoe om te gaan met de uitkomsten van participatie? ‘Aan het begin van ieder participatieproces moet dat helder zijn.’

    Dat stellen Boudewijn Steur (Binnenlandse Zaken) en Frank Speel (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) in een essay in Binnenlands Bestuur.

    “Inwoners participeren niet om het participeren. Ze hebben wel betere dingen te doen in hun vrije tijd. Mensen willen meedoen of meepraten over onderwerpen die hen direct raken. Onderwerpen die ertoe doen”, zo zeggen Steur en Speel in hun essay, “Daarom is het belangrijk dat de behoefte van mensen om ergens zeggenschap over te hebben voorop te stellen. Participatie is daarmee geen doel op zichzelf. Immers, dan zou het onderwerp waarop mensen mogen meepraten of meebeslissen irrelevant zijn. Mensen willen invloed hebben op onderwerpen die hen direct raken, die impact hebben. Denk dus ook goed na als overheid op welke onderwerpen je mensen wilt betrekken: doe dat op de onderwerpen die ertoe doen”

    Hiervoor adviseren zij te denken vanuit het perspectief van de mensen die je mee wilt laten doen. Door hen te vragen wat hun dromen en wensen zijn, kunnen ook verrassende inzichten naar voren komen.
    Daarvoor moet je wel in contact komen met de mensen. Dat kan volgens Steur en Speel gemakkelijk door bijvoorbeeld een wandelingen te organiseren, of markten en sportvelden te bezoeken. Binnen blijven op kantoor is in ieder geval geen optie.

    Groepen

    Het helpt daarbij om je op groepen te richten. “Neem bijvoorbeeld de betrokkenheid van inwoners bij de energietransitie. Daar gaat het juist om groepen inwoners, zoals energieco√∂peraties”, aldus Steur en Speelman.

    Door de bestaande groepen in de samenleving te gebruiken, kan meer gebruik worden gemaakt van het gemeenschapsgevoel.

    “Nog te vaak worden participatieprocessen opgestart zonder dat gebruik wordt gemaakt van deze bestaande netwerken,” aldus de auteurs.

    Elk netwerk is bovendien anders. Zo is de ene wijk de andere niet. “In wijken met weinig sociale cohesie werkt het anders dan in wijken met veel cohesie.” Dit vergt dus ook een eigen aanpak.

    Bron: Binnenlandsbestuur.nl, 27 januari 2019

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit bericht

© Copyright 2014 CROW