Status CROW-richtlijnen

Het ontwerpen, samenstellen en beheren van aanbevelingen en richtlijnen is één van de vormen van de dienstverlening van CROW. De kennis die in een richtlijn wordt opgenomen, is veelal gebaseerd op (wetenschappelijk) onderzoek en ervaringen uit de praktijk. Naast kennisbijdrage van de bij de richtlijn betrokken partijen, zorgt samenwerking ook voor draagvlak bij de uitvoering en acceptatie van de richtlijn in de markt. Een CROW-richtlijn is echter niet wettelijk bindend. Organisaties spreken elkaar zelf aan op de naleving van de richtlijn of toetsen naleving via rechtszaken.

Als bijvoorbeeld een ongeval heeft plaatsgevonden op een weg waar de CROW-richtlijn niet of niet goed is toegepast, dan kan de verantwoordelijk wegbeheerder worden aangesproken. De rechter kan vragen naar de motivatie waarom van de richtlijn is afgeweken. Is de motivatie valide, dan staat de keuze om af te wijken gelijk aan het goed toepassen van de richtlijn.

Een richtlijn kan door een organisatie (bijvoorbeeld Rijkswaterstaat, gemeenten, provincies) zelf worden ‘vastgesteld’. De richtlijn is daarmee bindend voor de hele organisatie. Als de organisatie uitvraag doet voor werkzaamheden via een opdracht, dan wordt de richtlijn in de uitvraag opgenomen. Partijen die de opdracht afnemen committeren zich zo aan de richtlijn.

In een enkel geval, bijvoorbeeld bij de richtlijnen van ‘Basiskenmerken wegontwerp’ en ‘Basiskenmerken kruispunten en rotondes’ is de inhoud vastgesteld door het Bestuurlijk Overleg Ruimte en Bereikbaarheid. In dit overleg participeren naast de minister van Infrastructuur en Milieu ook het Interprovinciaal Overleg (IPO, provincies), Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en UvW (wegbeherende waterschappen). Deze vaststelling verhoogt de status (en belangrijkheid) van de richtlijnen en het toepassen daarvan voor alle genoemde partijen.