Zoeken

P+R terreinen en transferia

Publicatie details
Onderwerp Beschrijving
Bron: KpVV
Datum: 10 oktober 2006
Type: Kennispagina

Mobiliteitsmaatregel

Het gebruik van de auto in het voortransport van openbaar vervoer is een klassiek fenomeen. P+R-terreinen, die deze vervoerwijze-combinatie faciliteren, zijn al in de jaren zeventig opgezet, onder de vleugels van de ANWB. Transferia zijn in de jaren ’90 als een specifiek type overstap-voorzieningen in de wereld gezet door Verkeer & Waterstaat (meer kwaliteit/voorzieningen; meer nabij het hoofdwegennet en ‘OV naar de auto toe’ in plaats van andersom). In de praktijk worden inmiddels de verschillen niet meer benadrukt, omdat gebleken is dat de overeenkomsten groter zijn.

Omschrijving

Het onderscheid tussen overstappunten met een herkomstfunctie en met een bestemmingsfunctie is groot en essentieel. Gebruik, belangen en kansen verschillen sterk.

Herkomst-punten hebben vooral baten ‘elders’ (namelijk bij de diverse en diffuse bestemmingen), wat in de praktijk een belangrijke belemmering is in de planvorming. Dergelijke punten worden zelden of nooit geïnitieerd door de gemeente op wiens grondgebied het overstappunt moet komen, maar vragen een sterke betrokkenheid van regionale overheden of het Rijk. Reden voor het gebruik ervan is vooral een vermijden van congestie op het hoofdwegennet. Omdat herkomstpunten een goede aansluiting moeten geven op OV-verbindingen over langere afstand, zijn ze vooral gerealiseerd bij centrum-stations. En daar speelt vaak direct de noodzaak tot regulering van de (toegevoegde) parkeercapaciteit, om onbedoeld gebruik tegen te gaan.

Bestemmings-overstappunten zorgen feitelijk voor ‘parkeren op aanzienlijke afstand’. Initiatieven ‘van onderop’ betreffen vooral bestemmings-punten, omdat daar immers de baten toevloeien aan de gemeente die ook een centrale rol speelt in de realisatie van een overstappunt. Doelgroepen zijn meer divers (alle bezoekers van het stadscentrum) en het gebruik is ook meer verspreid over dag en week.

Realisatie van overstappunten blijkt vaak een moeilijk en langdurig proces (5 jaar was gemiddeld gebruikelijk), met verschillende belangrijke partijen en uiteenlopende belangen. Bij bestemmingspunten is een gemeente vaak initiatiefnemer en ook de partij die er een concreet doel mee nastreeft. Daarnaast is de gemeente vaak grondeigenaar en wordt beheer en onderhoud van een terrein vaak als gemeentelijke taak gezien. Een regionaal of gemeentelijk openbaar vervoerbedrijf heeft baat bij versterking van bestaande minder drukke lijnen die een (bestemmings-)overstappunt kunnen aan doen. Voor NS (-Reizigers) kan de markt van lange-afstands reizigers bij herkomst-punten interessant zijn – en daarnaast is NS functioneel (transferfunctie) en als grondeigenaar (NS Vastgoed) vaak sterk betrokken bij een stationsomgeving.

Nut

Bij overstappunten die bedoeld zijn om vervolgens over grotere afstanden per OV (vooral trein) te reizen (herkomst-punten), zal per punt het aantal gebruikers per dag altijd beperkt blijven tot hoogstens enkele honderden, die vervolgens zeer diverse reisbestemmingen hebben. De substitutie-effecten zijn per gebruiker vaak groot, maar opgeteld naar landelijk niveau zouden ze pas zichtbaar worden bij veel grotere en beter benutte aantallen herkomstpunten dan Nederland nu kent. Effecten op bereikbaarheid zijn theoretisch wel voorstelbaar, maar in de praktijk hoogstens toekomstmuziek.

Mits goed gesitueerd (t.o.v. hoofdwegen) en goed uitgerust (voldoende parkeercapaciteit, sociaal en diefstal-veilig, korte loopafstanden, frequent OV), kunnen bestemmings-punten de bereikbaarheid van stadscentra vergroten, terwijl dat de lokale leefkwaliteit niet verslechtert. Betere bereikbaarheid van een stad zorgt voor meer mobiliteit naar die stad. Bestemmings-overstappunten helpen de bereikbaarheid te vergroten zonder dat het autoverkeer in de stad toeneemt.

Daarbij is een nauwkeurige opzet als het gaat om locatie, kwaliteit van het natransport en (eventueel) tariefstelling van het parkeren noodzakelijk. De praktijkvoorbeelden laten zien hoezeer overstappunten een succes maar ook een mislukking kunnen zijn.

Dit geldt bij bestemmings-punten waar gebruik wordt gemaakt van (al of niet enigszins ‘omgeleid’) bestaand openbaar vervoer. De noodzaak tot maatwerk geldt nog meer bij bestemmings-punten waarvoor specifiek openbaar vervoer in het leven wordt geroepen: P+R pendels, vaak vanaf dubbel gebruikte parkeerterreinen in de stedelijke periferie. P+R pendels komen in soorten en maten voor: soms alleen in werking op een beperkt aantal hoogtijdagen in het jaar; soms regulier elke week op een specifieke dag; etc. P+R pendels hebben vooral een waarde in vermindering van investeringskosten van en ruimtegebruik voor parkeren: de ‘onrendabele piek’ wordt afgevlakt.

Aandachtspunten

Om een overstappunt gerealiseerd en vervolgens ook goed geëxploiteerd te krijgen, moet in de eerste plaats worden voldaan aan wensen van de gebruikers. De reiziger moet voordeel hebben bij gebruik van het overstappunt. In de combinatie van tijd en prijs moet er voordeel zijn: lagere parkeertarieven en/of hogere reissnelheid van deur tot deur.

Bij bestemmings-punten zijn netwerkvorming, geduld en afstemming kernwoorden.

Netwerkvorming: Zeker de succesvoorbeelden uit het buitenland, maar ook de case Groningen laten zien hoezeer een breder netwerk van bestemmings-punten het gebruik vergroot. Voor alle richtingen op passende locaties P+R voorzieningen met identieke hoofdkenmerken kunne aanbieden, maakt het fenomeen P+R tot iets algemeen-reeels. Daar hoort direct ook geduld bij, want de ervaringen leren ook dat het enkele jaren kan duren voor het gebruik ‘op niveau’ is. Werken vanuit een groeimodel is wat dat betreft aan te bevelen: parkeercapaciteiten uitbreiden wanneer nodig; uitbreiding van voorzieningen daarmee gelijk op laten lopen; parkeertarieven invoeren wanneer nodig.

Het werkt echter alleen bij een perfecte afstemming met het openbaar vervoer in het natransport en met het parkeerbeleid en de parkeersituatie in het stadscentrum. Daarbij zijn er vele (maatwerk-) varianten van tariefsystemen mogelijk: parkeren gratis of goedkoop en OV-prijs regulier; parkeren betaald en OV gratis of goedkoop; combi-tarief.

Informatie