Zoeken

Organisatie & Spelregels (36 resultaten)

De organisatie van het openbaar vervoer is onder te verdelen in: juridisch kader, hoofdrolspelers en financiering. Lees meer...

De wet- en regelgeving en de jurisprudentie vormen feitelijk de hoekpunten van wat mogelijk is in het openbaar vervoer. Het KpVV ontsluit informatie over de actuele stand van dit spelregelkader in:

Gevonden in de kennisbank:

  • Achtergronden Organisatie & Spelregels: Concessieposters

    Het landschap van het openbaar vervoer wijzigt snel. Concessiegrenzen veranderen, aanbestedingen leiden tot andere vervoerders en ook grenzen van ov-autoriteiten zijn niet in beton gegoten. Sinds het begin van de aanbestedingen heeft het KpVV de gunningen en de aanbestedingsresultaten bijgehouden. Het KpVV heeft sinds 2005 de stand van zaken ook letterlijk ‘in kaart’ gebracht. Op elke poster staan bijgewerkte concessiekaarten. Poster 2013 Poster 2012 Poster 2011 Poster 2010 Poster 2009 Poster 2008 Poster 2007 Poster 2006 Concessies 2005 Wie rijdt waar 2005.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Kennispagina 1-01-2013

  • Spoorboekje. Editie 2012

    De spoorwijzer voor decentrale overheden Veel gemeenten, provincies en stadsregio's hebben geregeld te maken met spoorlijnen, treindiensten en stations. Al was het alleen al vanwege tunneltjes en overwegen. Voor sommige gaat de betrokkenheid verder: ze zijn zelf verantwoordelijk voor een of meer treindiensten. Het is echter niet altijd even gemakkelijk om de wereld van het spoor te doorgronden. Het is een complexe sector, er zitten vele facetten aan en niet altijd is even duidelijk wie ergens voor verantwoordelijk is. Daarom heeft het KpVV een actueel overzicht uitgebracht om de spoorsector toegankelijker te maken: Spoorboekje. Nu Editie 2012. Het Spoorboekje kent hoofdstukken over de spoorwegwetten, de spelers, de organisatie, materieel, personeel, kaartjes, reisinformatie, sociale veiligheid, toegankelijkheid, infrastructuur, stations en spoorveiligheid.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Publicatie 19-12-2011

  • ROVER

    Op deze site vindt u alle informatie over ROVER, de vereniging van ov-reizigers.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Link 5-12-2011

  • ProRail

    Op deze site vindt u alle informatie over ProRail.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Link 5-12-2011

  • Ov-reisinformatie 9292

    Op deze site vindt u alle informatie over ov-reisinformatie.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Link 5-12-2011

  • Jurisprudentiebundel openbaar vervoer 2011

    De spelregels in het personenvervoer worden niet alleen bepaald door de Wet personenvervoer 2000 en de eraan verbonden regelgeving. Ook jurisprudentie speelt een rol. Er worden 74 gerechtelijke uitspraken ontsloten. Deze verduidelijken de Wet personenvervoer 2000 of zijn relevant voor de openbaarvervoerpraktijk. De ontsloten jurisprudentie geeft een handreiking voor de wijze waarop aanbestedingen dienen plaats te vinden en concessies moeten worden uitgevoerd. Niet alle uitspraken over de Wet personenvervoer 2000 zijn in deze bundel opgenomen. Er is afgezien van uitspraken die in het kader van een aanbesteding of concessieverlening zijn gedaan, maar betrekking hebben op specifiek bestuursrechtelijke aspecten in een specifieke casuspositie. Deze aspecten zijn niet relevant voor alle ov-autoriteiten. Ook uitspraken die gebaseerd zijn op de oude Wet personenvervoer en mogelijk nog betekenis hebben voor de huidige ov-praktijk zijn niet meegenomen. Ten slotte wordt er minder aandacht besteed aan het vervoer per taxi. Jurisprudentiebundel 2011Het KpVV heeft een update gemaakt van de Wetgevingsbundel en van de Jurisprudentiebundel inzake het openbaar vervoer. Ten opzichte van de eerdere drie edities is de uiterlijke vorm veranderd. De nu voor de vierde maal verschijnende jurisprudentiebundel is alleen digitaal beschikbaar. In de bundel zijn drie ingangen naar de uitspraken: Tabel I geeft een chronologisch overzicht van de jurisprudentie. Tabel II ontsluit de jurisprudentie volgens de structuur van de Wp 2000. In Tabel III is de jurisprudentie geordend volgens de concessiecyclus van het KpVV. In iedere tabel komt u met een klik op het onderwerp direct bij een van de 74 samenvattingen van de casus, het dictum en de consequenties voor de ov-praktijk. En vandaaruit ook naar de integrale uitspraken.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Publicatie 1-09-2011

  • Achtergronden Organisatie & Spelregels: Wetgeving

    Het KpVV heeft de belangrijkste wet- en regelgeving op het terrein van het personenvervoer ontsloten in een wetgevingsbundel. De eerste drie edities waren op papier uitgebracht. Nu zijn de actueel geldende wetten, AmvB’s en regelingen hier digitaal beschikbaar. Wetten en besluiten Verordening (EG) Nr. 1370/2007 van 23 oktober 2007 betreffende het openbaar personenvervoer per spoor en over de weg; Wet personenvervoer 2000; Besluit personenvervoer 2000; Wet BDU verkeer en vervoer; Besluit BDU verkeer en vervoer; Spoorwegwet; Besluit Hoofdrailnet; Besluit aanbestedingen speciale sectoren; Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten; Besluit aanwijzing toezichthouders en opsporingsambtenaren Inspectie Verkeer en Waterstaat op het gebied van de vervoerswetgeving; Besluit aanwijzing toezichthouders spoorwegen; Besluit mandaat en machtiging Kiwa N.V.. Regelingen en beleidsregels Regeling informatie aanbestedingen concessies openbaar vervoer; Regeling nationale vervoerbewijzen openbaar vervoer; Regeling terugbetaling en ontheffing betalingsverplichting nationale vervoerbewijzen; Vaststelling bedragen, bedoeld in artikel 48, tweede en zesde lid, Besluit personenvervoer 2000; Regeling onkostenvergoedingen vrijwilligers personenvervoer per auto; Regeling taxibestuurders 2005; Regeling vakbekwaamheid beroepspersonenvervoer; Aanwijzing instanties afgifte legitimatie-bewijs voor gehandicapten; Regeling vergoedingen documenten Wet personenvervoer 2000; Aanwijzing diensten t.b.v. ongevallen- en rampenbestrijding; Uitvoeringsregeling en beleidsregel BDU verkeer en vervoer; Protocol Gemeentelijke Vervoerbedrijven. Zie ook de KpVV-publicatie Jurisprudentiebundel openbaar vervoer 2011.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Kennispagina 29-06-2011

  • Achtergronden Organisatie & Spelregels: Wie doet wat?

    ‘Europa’ stelt sinds 1969 kaders op voor nationale regelgeving over openbaar vervoer. Hieronder staan de eisen aan de toegang tot het beroep, milieueisen aan voertuigen, regels over de werking van de markt en aan het verlenen van subsidies (‘compensatie’) in relatie tot staatssteun. Op 3 december 2009 trad de Public Services Obligation (PSO) in werking (verordening 1370/2007).Deze verordening stelt onder meer eisen aan de aanbesteding en de ’inbesteding’ (aan interne exploitant) van openbaar vervoer per bus, tram en metro en aan de maximale concessieduur. Spoorvervoer mag ook onderhands worden gegund. De verordening is het belangrijkste kader voor nationale regelgeving op het gebied van het openbaar personenvervoer per spoor en over de weg. Op nationaal niveau wordt het openbaar vervoer geregeld in de Wet personenvervoer 2000 (Wp2000) en het Besluit Personenvervoer 2000 (Bp 2000). De Wp2000 regelt de rollen en taken van verschillende partijen in het openbaar vervoer en beschrijft de spelregels. Zo is bepaald dat de provincies en een zevental Wgr-plusregio’s (stadsregio’s) verantwoordelijk zijn voor het regionale openbaar vervoer en dat ze dit in concessies moeten regelen. Het Bp2000 is de uitwerking van de wet; het is een algemene maatregel van bestuur. Er zijn dus 19 regionale concessieverleners. Ze worden ook wel ov-autoriteiten genoemd. Groningen en Drenthe hebben de uitvoering van hun ov-taak gebundeld in één ov-bureau. Een ov-concessie geeft een openbaarvervoerbedrijf het exclusieve, maar tijdelijke, recht op het verrichten van openbaar vervoer binnen een bepaald gebied of op een bepaalde verbinding. In juridische zin is de concessie een beschikking, dat wil zeggen een eenzijdige publiekrechtelijke handeling. De Wp2000 bepaalt dat de concessies voor regionaal openbaar vervoer openbaar moeten worden aanbesteed. De provincies en stadsregio’s krijgen via de Brede Doeluitkering verkeer en vervoer (BDU) geld van het Rijk voor verkeer- en vervoerdoeleinden. Zij bepalen zelf waaraan ze de BDU besteden. Een aanzienlijk deel wordt besteed aan de exploitatie van openbaar vervoer. Ongeveer de helft van de exploitatiekosten wordt hiermee gedekt. De andere helft bestaat uit de kaartverkoop, waaronder het contract met het ministerie van OCW voor het vervoer van studenten. Voor de historie van de ov-subsidiëring klik hier. Er zijn voor het openbaar vervoer twee toezichthouders: de Inspectie Verkeer en Waterstaat en de Nederlandse Mededingingsautoriteit. Zij controleren of de Wp2000 wordt nageleefd. De Inspectie houdt toezicht op de veiligheid, concurrentie en arbeidsomstandigheden. De NMa Vervoerkamer ziet toe op de mededinging in het regionale openbaar vervoer en de spoorsector. Een nieuwe speler in het veld van het collectief vervoer is Kiwa Register B.V.. Deze organisatie is sinds medio 2010 onder meer belast met de afgifte van ondernemersvergunningen. Sinds 1 januari 2010 zijn de vergunningen voor collectief personenvervoer (CPV) afgeschaft. Volgens de Europese wetgeving is een communautaire vergunning voldoende. Deze vergunning en de per bus noodzakelijk gewaarmerkte afschriften worden door het Kiwa afgegeven. De Wp2000 verplicht vervoerbedrijven minimaal een keer per jaar advies te vragen aan consumentenorganisaties over wijzigingen in de dienstregeling. Ook de ov-autoriteiten moeten de consumentenorganisaties bij belangrijke beslissingen betrekken, in ieder geval bij het aanbesteden van concessies. De consumentenorganisaties zijn regionaal georganiseerd in ROCOV-verband (Regionaal Overleg Consumenten OV). Gemeenten hebben geen wettelijke taken in het openbaar vervoer. Toch zijn ze in de voorwaardenscheppende sfeer buitengewoon belangrijk. Gemeenten zijn bijvoorbeeld wegbeheerder en ze werken aan de bereikbaarheid, de ruimtelijke ordening, het milieu en de zorg. De taak van wegbeheerder komt onder andere naar voren bij het aanleggen van bus- en tramhaltes, infrastructuuraanpassingen, verkeersveiligheid en doorstroming. Verder moet gedacht worden aan informatieverschaffing en speciale tarieven.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Kennispagina 29-06-2011

  • Achtergronden Organisatie & Spelregels: Financiering openbaar vervoer

    Het openbaar vervoer dat de vervoerbedrijven bieden, wordt betaald uit zes componenten: subsidie van de ov-autoriteiten; berekend aandeel uit de verkoop van nationale vervoerbewijzen; voorverkoop regionale papieren kaartjes en verkoop ‘op de wagen’; opbrengsten uit de OV-chipkaart; berekend aandeel uit de OV-studentenkaart; eigen inkomsten uit commerciële activiteiten. BDU De subsidie die de ov-autoriteit verstrekt aan een vervoerder vloeit voort uit de afspraken die zij met deze vervoerder hebben gemaakt in het kader van de concessieverlening. Gemiddeld beslaat dit ongeveer 50% procent van de inkomsten van vervoerbedrijven. Dit geld is geheel of nagenoeg geheel afkomstig uit de brede doeluitkering (BDU) die het Rijk beschikbaar stelt voor tal van regionale verkeers- en vervoerdoeleinden. Hieronder valt de exploitatie van het openbaar vervoer. Het Rijk verdeelt deze BDU via een vaste verdeelsleutel. Dus onafhankelijk van de regionale prestaties. Er zijn geen schotten in de BDU; de decentrale overheid kan zelf bepalen waaraan het de BDU besteedt. Sommige ov-autoriteiten leggen uit eigen middelen een kleine hoeveelheid bij. Aflopend in 2011: NVB NVB staat voor nationale vervoerbewijzen. Dit zijn de strippenkaarten, sterabonnementen, dagkaarten, netkaarten en OV-jaarkaarten. Vervoerbewijzen Nederland (VBN) verzorgt in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu de verdeling. Daartoe wordt geregeld een zogeheten WROOV-onderzoek gehouden. Dit onderzoek gaat na hoe het gebruik van deze vervoerbewijzen feitelijk is geweest. Aflopend in 2011: Regionale kaartjes en verkoop op de wagen Steeds vaker maken vervoerders gebruik van speciale regio- of stadsgebonden kaartjes, zoals familiekaartjes, eurokaartjes, dalkaartjes en Maxx-kaartjes. Daarnaast is er de verkoop ‘op de wagen’ van ministrippenkaarten. De inkomsten uit deze beide bronnen mag het betreffende vervoerbedrijf (uiteraard) zelf houden; ze maken geen deel uit van een herverdeling over de vervoerbedrijven. Volledige uitrol in 2011: OV-chipkaart Het NVB-systeem en de papieren kaartjes zijn of worden regio na regio in 2011 vervangen door een elektronische vorm van betalen per kilometer. De Rijksoverheid is dan niet langer verantwoordelijk voor het tarievenbeleid; dit is dan de taak geworden van de ov-autoriteiten. Het grote voordeel van de OV-chipkaart is dat er geen dure onderzoeken meer nodig zijn om te bepalen op welke inkomsten elk vervoerbedrijf recht heeft. Door de elektronische vorm van betalen kan een vervoerder elke ochtend zien wat hij de dag ervoor heeft verdiend. Ov-studentenkaart Het Ministerie van OCW heeft een grootgebruikerscontract afgesloten met de vervoerders ten gunste van studenten van 18 jaar en ouder. Hiervan gaat ruim 200 miljoen euro naar regionale openbaar vervoer en ruim 300 miljoen euro naar de NS. De vervoerders hebben onderling afgesproken hoe de opbrengsten uit het studentenkaartcontract onder hen worden verdeeld. Op verzoek van de ov-autoriteiten berekenen zij ook de verdeling over de concessiegebieden. De ov-autoriteiten moeten dit weten met het oog op de aanbestedingen en de concessieverlening. Overige inkomsten Vervoerbedrijven ontvangen vaak ook inkomsten uit andere commerciële diensten, zoals diensten voor private partijen, de exploitatie van de regiotaxi, reclame op de bus, vervoermanagement, vastgoed en projectmanagement. Het grootste deel van deze inkomsten staat los van die uit openbaar vervoerdiensten. Indirect spelen ze echter wel een rol, omdat de opbrengst kan leiden tot een scherpere inschrijving bij aanbestedingen. Infrastructuur De exploitatie van het openbaar vervoer is de verantwoordelijkheid van de vervoerbedrijven. De aanleg en het onderhoud van speciale infrastructuur voor openbaar vervoer is de taak van de overheden. De decentrale overheden kunnen voor de aanleg van infrastructuur desgewenst putten uit de BDU. De Rijksoverheid verstrekt in principe geen projectsubsidies meer. Een uitzondering wordt gemaakt voor projecten groter dan 112,5 miljoen euro (in de vier grote stadsregio’s geldt het dubbele bedrag als ondergrens).

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Kennispagina 29-06-2011

  • KpVV OV-Netwerkdag 2010: Meer met minder in het stads- en streekvervoer

    Veel vakgenoten in de wereld van het openbaar vervoer troffen elkaar ook dit jaar in Driebergen-Zeist op de OV-Netwerkdag 2010: “Meer met minder in het stads- en streekvervoer”. Naast ontmoeten stond deze dag in het teken van een decennium van marktwerking en de donkere bezuinigingswolken die op het openbaar vervoer afkomen. Niet louter als voorbode voor slecht weer, maar zeker ook als uitdaging om stappen voorwaarts te blijven zetten om (op zijn minst) op hetzelfde hoge peil te blijven. In de opening refereerde dagvoorzitter Wim van Tilburg aan 10 jaar marktwerking in het streekvervoer. Vervolgens kwamen Pieter Hofstra (voorzitter KNV), Henk Meurs (hoogleraar mobiliteit en directeur van Mu-Consult) en Jan van Selm (directeur OV-bureau GGD) aan het woord om hun licht te laten schijnen op het hoofdthema van de dag: “ Meer met minder in het stads- en streekvervoer” Het middagprogramma stond in het teken van mouwen opstropen en aan het werk. In het ov-laboratorium vond onder leiding van Coen Volp (directeur, provincie Gelderland) een gezamenlijke verkenning plaats van mogelijke (bezuinigings)scenario’s om de komende jaren van economische crises zo goed mogelijk het hoofd te kunnen bieden. De 20 deelnemers kwamen op drie scenario’s die in januari door het KpVV samen met de bedenkers verder worden uitgewerkt. De rest van de in totaal 120 deelnemers waaierden uit over een zestal netwerktafels, waarvan een aantal in twee ronden werd aangeboden. Ze zijn aan de slag geweest bij: Tafel 1 Meer inspraak minder advies (zie ook de presentatie) Tafel 2 Meer reizen, minder ritten (zie ook de presentatie) Tafel 3 Meer klantenkennis, minder klachten (zie ook de presentatie) Tafel 4 Monopolie of vrije markt in 4 eeuwen openbaar vervoer. Leren van het verleden. De lezing van Gerard van Kesteren (senior-adviseur KpVV) kunt u teruglezen. Tafel 5a Meer regiosprinters, minder files (zie ook de presentatie) Tafel 5b Meer bus, tram en metro, minder CO2 Netwerkdag 2011Enthousiast geworden na het lezen van deze terugblik? U kunt u nu al opgeven voor de OV-Netwerkdag 2011 die we woensdag 14 december 2011 wederom in Antropia zullen houden. We zien u graag (terug)! Doelgroep De bijeenkomst is bedoeld voor alle professionals betrokken bij het openbaar vervoer.

    Onderwerpen: Aanbesteden, Organisatie & Spelregels, Concessiemanagement
    Terugblik 15-12-2010

  • KpVV Bericht nr. 54: 'Overijssel sluit convenant met gemeenten over openbaar vervoer'

    Provincies en stadsregio’s zijn de opdrachtgevers voor het stads- en streekvervoer, maar ook gemeenten spelen een belangrijke rol. In een convenant hebben de provincie en de betrokken elf gemeenten afgesproken om samen te werken aan een beter openbaar vervoer in West-Overijssel. Het convenant geeft precies aan welke rol provincie en gemeenten hierbij hebben.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Publicatie 4-12-2007

  • Rapport: Gemeente en openbaar vervoer

    De rol en betekenis van de gemeente in het openbaar vervoer van A tot Z Dit rapport is bedoeld voor bestuurders en ambtenaren van gemeenten. U leest over de rol die gemeenten kunnen spelen in het openbaar vervoer. De eerste reactie is ongetwijfeld: “Maar daar gaan de provincie en de stadsregio toch over?” Formeel klopt dat, althans wat betreft hun bevoegdheid van opdrachtgever van de vervoerbedrijven. In de voorwaardenscheppende sfeer zijn heel veel raakvlakken tussen gemeente en openbaar vervoer. Zoveel dat we er een abc-tje van hebben gemaakt. Openbaar vervoer kan alleen dan van goede kwaliteit worden als ov-autoriteit, de vervoerder èn de gemeente samen de handen ineen slaan. In de praktijk hebben de gemeenten geregeld contact met de ov-autoriteit over het openbaar vervoer. Wij hopen dat deze brochure een verrijking kan betekenen voor de dialoog, al zou hij alleen maar gebruikt worden als een checklist.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Publicatie 2-07-2007

  • Rapport 'Organisatievormen voor concessiegrensoverschrijdende lijnen'

    Dit rapport biedt een overzicht van organisatievormen in het openbaar vervoer. Met de voor- en nadelen van iedere organisatievorm. U leest ook over oplossingsrichtingen voor het probleem van ov-lijnen die de concessiegrens overschrijden. Een stappenplan helpt u bij de keuze voor een geschikte organisatievorm. Praktisch zijn ook de tekstvoorstellen voor bestekken. Daarmee kan de organisatievorm in een concessie worden gezekerd. Tenslotte maakt u een uitstapje naar de problematiek van ov-lijnen die over de landsgrens gaan.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Publicatie 20-12-2006

  • Bericht 'Decentralisatie spoorvervoer'

    Het Ministerie van Verkeer en Waterstaat heeft onlangs tien OV-autoriteiten uitgenodigd voor overleg over veertien te decentraliseren treindiensten uit de zogeheten contractsector spoorvervoer. Hiermee wil het ministerie bereiken dat er snel duidelijkheid ontstaat welke van deze diensten kunnen worden gedecentrali-seerd en wanneer. Om een afgewogen besluit te kunnen nemen is het nu voor decentrale overheden zaak voldoende inzicht te krijgen in de voor- en nadelen van deze overdracht.

    Onderwerpen: Organisatie & Spelregels, Vormen van Collectief Vervoer
    Publicatie 17-03-2004

  • Bericht 'Altmark-arrest:gevolgen voor het Nederlands OV'

    Kort geleden heeft het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen een uitspraak gedaan die in OV-land veel stof doet opwaaien. Iedereen onderkent het belang van dit arrest. . Over de precieze inhoud en betekenis van dit arrest voor de Nederlandse rechtspraktijk is lopen de meningen uiteen. Dit CVOV-bericht vat daarom de inhoud van het arrest samen. Vervolgens staan we stil bij de gevolgen van dit arrest voor het Nederlandse openbaar vervoert. Conclusie: voor de OV-autoriteiten die de spelregels van verordening 1191/69 naleven zijn de gevolgen nihil.

    Onderwerp: Organisatie & Spelregels
    Publicatie 15-11-2003