Zoeken

Monitoring (36 resultaten)

Monitoren is het volgen van eigen beleid. Het legt een basis voor nieuw te ontwikkelen beleid. Lees meer...

Monitoren is mogelijk in alle stappen van het beleidsproces. Er is veel informatie nodig voor het maken van een (beleids)monitor, het uitvoeren van een evaluatie of als basis voor een probleemanalyse of een verkeersplan. Een organisatie kan deze informatie zelf verzamelen of gebruik maken van bestaande bronnen (basisinformatie). Meer informatie hierover staat in de kennispagina monitoring Algemeen.

Het KpVV informeert over en ondersteunt de Sumo-methode, een evaluatiemethode voor projecten. Daarnaast worden verschillende monitors ontwikkeld en ingezet om informatie te verzamelen.

Gevonden in de kennisbank:

  • KpVV-bericht nr. 118: Sumo breekt door in Nederland

    Doelgericht resultaat bereiken De komende jaren wordt de kosteneffectiviteit van maatregelen steeds belangrijker. Budgetten worden kleiner en dat betekent keuzes maken en alleen doorgaan met wat (kosten)effectief is. Deze werkwijze vereist wel dat je een instrument hebt om gegevens voor je in beeld te brengen. De Sumo-methode helpt hierbij.

    Onderwerp: Monitoring
    Publicatie 31-10-2012

  • Luchtkwaliteit - Rekenen en meten

    Beschrijving De concentraties van luchtverontreinigende stoffen in de buitenlucht kunnen worden berekend of gemeten. Infomil geeft op haar website informatie over de volgende rekenmethoden. NSL-Rekentool: De NSL-Rekentool is geschikt voor het berekenen van de luchtkwaliteit langs wegen die binnen het toepassingsbereik van SRM1 en SRM2 vallen. Met de NSL-Rekentool kunnen varianten op de gegevens die dienen als basis van het NSL worden doorgerekend. De tool kan ook gebruikt worden voor andere soorten rekendoelen zoals NIBM- en grenswaarden-toetsing. Zie ook NSL Monitoringstool CAR II: Het luchtkwaliteitsmodel bevat de officiële invoergegevens zoals bekend gemaakt door het Ministerie van I&M en gebruikt een manier om de bijdrage van zeezout te corrigeren in PM10 dagnormberekeningen en om NO2 bijdragen van het hoofdwegennet te cumuleren. ISL2: U kunt ISL2 gebruiken om de gevolgen van het wegverkeer op de luchtkwaliteit langs wegen door (relatief) open gebied te bepalen. NNM: Met het Nieuw Nationaal Model kan de verspreiding van emissies in de lucht worden berekend. Het NNM wordt toegepast bij het vaststellen van de kwaliteit van de buitenlucht, bijvoorbeeld in het kader van vergunningverlening aan bedrijven. Het NNM valt binnen het domein van standaardrekenmethode 3 (SRM3). Met SRM3 kan de verspreiding en immissie van punt- en oppervlakte bronnen worden berekend. NIBM-tool: Voor kleinere ruimtelijke plannen en verkeersplannen die effect kunnen hebben op de luchtkwaliteit heeft het toenmalige Ministerie van VROM in samenwerking met InfoMil deze specifieke rekentool ontwikkeld. Daarmee kan op een eenvoudige en snelle manier worden bepaald of een plan niet in betekenende mate bijdraagt (NIBM) aan de concentratie van een stof in de buitenlucht. Bussenknop: Hiermee kunt u de effecten van een aangepast bussenpark op de luchtkwaliteit bepalen. Scheepvaart - PRELUDE is een rekenapplicatie waarmee op relatief eenvoudige wijze emissiegegevens worden verkregen voor binnenvaartschepen. VI-Lucht en Geluid: Hiermee kunt u een inschatting maken van verkeersintensiteiten van een weg. Aan de hand van deze gegevens kunt u een inschatting maken van de gevolgen voor luchtkwaliteit en geluidsbelasting. Doel en doelgroepen De uitkomsten zijn te gebruiken voor: het vaststellen van de huidige situatie; het beoordelen van de effecten van toekomstige maatregelen en projecten; het opstellen van plannen en rapportages. ToepassingHet ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM) maakt jaarlijks gegevens bekend die overheden moeten gebruiken bij de berekening van de concentraties luchtverontreinigende stoffen. Deze taak van IenM is vastgelegd in de 'Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007'. De gegevens worden jaarlijks voor 15 maart bekend gemaakt. In maart 2011 heeft IenM de nieuwe invoergegevens (emissiefactoren, achtergrondconcentraties en meteorologische data) bekend gemaakt. Deze nieuwe invoergegevens zijn/worden verwerkt in de nieuwste versies van CAR, ISL2 en ISL3a. Berekeningen moeten worden uitgevoerd met goedgekeurde rekenmodellen. De criteria voor en eisen aan berekeningen en modellen zijn vastgelegd in de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007. InfoMil biedt op haar website drie modellen aan die als directe implementatie van een standaardrekenmethode zijn goedgekeurd: CAR (implementatie van standaardrekenmethode 1); ISL2 (implementatie van standaardrekenmethode 2); ISL3a (implementatie van standaardrekenmethode 3 of Nieuw Nationaal Model (NNM)). IenM stelde 1 februari 2012 de NSL-rekentool beschikbaar. De NSL-rekentool bevat de data van de Monitoringstool, zowel de door IenM bekend gemaakte gegevens als de lokale gegevens (verkeersgegevens / omgevingskenmerken). Met de NSL-rekentool kunnen varianten van het NSL worden doorgerekend, alsmede op zichzelf staande berekeningen. De NSL-rekentool is geschikt om berekeningen uit te voeren voor wegen binnen het bereik van SRM1 en SRM2. Meer informatie - Infomil - NSL Monitoringstool op deze site.

    Onderwerpen: Lucht, Monitoring
    Instrument 21-08-2012

  • NSL Monitoringstool

    Beschrijving Het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) is de kern van het wetsvoorstel voor de Wet luchtkwaliteit. In gebieden waar de normen voor luchtkwaliteit niet worden gehaald (zogenoemde overschrijdingsgebieden) gaan overheden in gebiedsgerichte programma’s de luchtkwaliteit verbeteren. Het NSL is gericht op het tijdig halen van de luchtkwaliteitsnormen en is daarmee gericht op toekomstige jaren (2011/2015). De NSL Monitoringstool vormt de rekenkundige onderbouwing van het NSL. De tool bevat prognoses van verkeersgegevens, omgevingskenmerken, projecten en maatregelen. De tool berekent de te verwachten luchtkwaliteit. Bureau Monitoring NSL is opgericht voor de uitvoering van de monitoring NSL. Bureau Monitoring biedt aan overheden de mogelijkheid om op basis van de gegevens in de Monitoringstool zelf scenario's te kunnen doorrekenen zonder dat de officiële gegevens direct veranderen. Daarvoor is het rekeninstrument NSL-rekentool ontwikkeld. Met dit instrument kunnen overheden een locale kopie maken van de data uit de Monitoringstool. Vervolgens kunnen zij wijzigingen aanbrengen in de data (= variant maken) en de effecten daarvan doorrekenen met de NSL-rekentool. Zodoende is het mogelijk voor overheden om de effecten van de verschillende (pakketten van) maatregelen en projecten op een locatie te bepalen en de meest optimale keuze daaruit te maken. De NSL-Rekentool is geschikt voor het berekenen van de luchtkwaliteit langs wegen die vallen binnen het toepassingsbereik van de standaardrekenmethoden 1 en 2. Deze standaardmethoden zijn vastgelegd in de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 (RBL 2007).Het is een rekeninstrument om knelpunten voor de luchtkwaliteit op te sporen en te onderzoeken hoe lokale maatregelen de luchtkwaliteit kunnen verbeteren. Doel en doelgroepen Om zeker te stellen dat de doelstellingen van het NSL worden gerealiseerd, wordt de voortgang in de uitvoering van het NSL jaarlijks in kaart gebracht. Deze jaarlijkse monitoring van het NSL richt zich zowel op de voortgang van de uitvoering van projecten en maatregelen als op de ontwikkeling van de luchtkwaliteit. Het NSL is een samenwerkingsverband van de gemeenten, provincies en het Rijk. ToepassingDe Monitoringtool is bruikbaar om op grote lijnen te bepalen waar de luchtkwaliteitsnormen wordt overschreden. Hierbij kunnen scenario’s worden doorgerekend om te bepalen of maatregelen bijdragen aan het verbeteren van de luchtkwaliteit. Te betrekken partijenGemeenten, provincie, stadsregio. AandachtspuntenDe modeluitkomst heeft een onzekerheid die afhankelijk is van de betrouwbaarheid van de invoergegevens. Daarom moet de rekenuitkomst worden gezien als een indicatie. De Rapportagetool en de Saneringstool zijn geïntegreerd in de NSL Monitoringstool. Meer informatieMeer informatie vindt u op de site van Bureau Monitoring.

    Onderwerpen: Lucht, Monitoring
    Instrument 21-08-2012

  • Strategisch Verkeers- en Vervoermodel

    Betr.: Update van Instrument maart 2008 Beschrijving Een strategisch verkeers- en vervoermodel biedt kwantitatief inzicht in de mobiliteitsontwikkeling in een bepaald gebied. Deze ontwikkeling is afhankelijk van scenario-kenmerken (bijvoorbeeld CPB-scenario 2020) als demografische ontwikkelingen, economische ontwikkelingen (inkomen, autobezit, etc.), ruimtelijke ontwikkelingen (aan de vraag-kant), infrastructurele ontwikkelingen (auto, openbaar vervoer) en beleid. Met een strategisch verkeers- en vervoermodel kunnen de effecten van bijvoorbeeld ingrepen in vervoersnetwerken, prijsbeleid of van bijvoorbeeld parkeerbeleid in beeld worden gebracht. Het kan daarmee ingezet worden ter onderbouwing van lange termijn investeringsbeslissingen. Een strategisch verkeers-en vervoermodel kan multimodaal zijn (auto, openbaar vervoer, fiets, vracht), of unimodaal. Verder onderscheiden deze modellen vaak meerdere motieven (woon-werk, woon-zakelijk, niet woninggebonden zakelijk, school, winkel) en meerdere tijdperioden (ochtendspits, avondspits, restdag). Idealiter vormen al deze dimensies communicerende vaten. Op de output zijn diverse analyses mogelijk, bijvoorbeeld de mobiliteitsontwikkeling van bepaalde verkeersstromen en de verhouding tussen de verwachte verkeersintensiteiten en beschikbare wegcapaciteit (i/c verhouding). Voorbeelden van strategische modellen zijn het Landelijk Model Systeem (LMS) en het Nieuw Regionaal Model (NRM), beiden zijn ontwikkeld door het Rijk. De NRM's. Ook gemeenten en provincies beschikken vaak over strategische modellen. Bij de regionale netwerkanalyses zijn beiden gebruikt om de problemen en oplossingsrichtingen te verkennen. De meeste modellen zijn ontwikkeld door adviesbureaus, omdat er veel expertise voor nodig is. Ook toepassing vergt vele kennis en tijd. Met de Mobiliteitsscan van KpVV zijn relatief eenvoudige analyses van het eigen model mogelijk. Doel en doelgroepen Het maken van mobiliteitsprognoses voor de middellange en lange termijn en het doorrekenen van de invloed van mogelijke maatregelen(pakketten), door stadsregio's, samenwerkingsverbanden, provincies en grotere gemeenten. ToepassingMet een strategisch verkeers- en vervoermodel kunnen de effecten van verkeersbeleid voor de middellange en lange termijn in beeld gebracht worden. Hierbij kan gedacht worden aan weginfrastructuur, maar ook aan typische openbaar-vervoermaatregelen, parkeerbeleid en prijsbeleid. Voor verkenningen en planstudies moet het NRM worden gebruikt. Regionale overheden gebruiken vaak regionale of lokale verkeersmodellen. Zowel ambtelijk als bestuurlijk van waarde. Input voor een strategisch verkeers- en vervoermodel zijn netwerken auto en openbaar vervoer, sociodata (inwoners, arbeidsplaatsen, economische ontwikkelingen) en beleid. Resultaat zijn verplaatsingsmatrices (al dan niet onderscheidend naar vervoerwijze, motief, tijdperiode), intensiteiten per wegvak en evt. per openbaarvervoerlijn. Daarnaast zijn diverse andere nadere analyses mogelijk (bijvoorbeeld deur tot deur reistijdanalyses). Te betrekken partijenProvincies, stadsregio’s, gemeenten en het Rijk. AandachtspuntenVerkeersmodellen zijn een representatie van de werkelijkheid en een instrument om grip te krijgen op het verkeer en vervoersysteem. Een goede interpretatie van de output is echter altijd noodzakelijk. PraktijkvoorbeeldenStrategische verkeersmodellen worden in tal van verschillende soorten studies toegepast. Meer informatie Er zijn verschillende softwarepakketten op de markt om verkeersmodellen te ontwikkelen, zoals CUBE - Grontmij (opvolger van Trips). De KpVV Mobiliteitsscan kan als een soort gebruikersschil bij het eigen model worden gebruikt. In 2012 wordt gewerkt aan een CROW-handboek over (strategische) verkeersmodellen.

    Onderwerp: Monitoring
    Instrument 23-07-2012

  • Onderzoek Verplaatsingen in Nederland (OViN)

    Het OViN (voorheen MON en daarvoor OVG) wordt door het CBS uitgevoerd samen met het Rijk en kent mogelijkheden om regionaal extra enquêtes te verspreiden (meerwerk) of om specifieke extra vragen te stellen (maatwerk).

    Onderwerp: Monitoring
    Link 6-12-2011

  • Dienst Verkeer en Scheepvaart (DVS) van RWS

    Op deze site vindt u basisinformatie over o.a. het Nationale Wegenbestand.

    Onderwerp: Monitoring
    Link 6-12-2011

  • Dataportal Rijkswegen

    In deze Dataportal vindt u gegevens betreffende de infrastructuur, verkeersgegevens en ongevallen op Rijkswegen. De gegevens worden in kaart weergegeven.

    Onderwerpen: Monitoring, Infrastructuur, Basisgegevens
    Link 6-12-2011

  • CBS

    Op deze site vindt u cijfers over maatschappelijke onderwerpen in de vorm van tabellen, grafieken en kaarten.

    Onderwerp: Monitoring
    Link 6-12-2011

  • Benchmarken

    Op deze site vindt u van alles over benchmarken.

    Onderwerp: Monitoring
    Link 6-12-2011

  • Basisinformatie Europese landen

    Op deze site vindt u, naast allerlei andere informatie, gegevens over verkeer en vervoer in Europese landen.

    Onderwerp: Monitoring
    Link 6-12-2011

  • Atlas voor gemeenten

    De Atlas voor gemeenten is een naslagwerk voor ambtenaren, raadsleden, journalisten, onderzoekers, burgers en bedrijven. De Atlas voor gemeenten vergelijkt jaarlijks de 50 grootste gemeenten van Nederland op meer dan 40 punten. Op deze website vindt u meer informatie en kunt u de atlas bestellen.

    Onderwerp: Monitoring
    Link 6-12-2011

  • 'Met de kennis van nu': Leren van Evalueren

    Als een infrastructuurproject eenmaal af is, is er weinig interesse meer in de vraag of het project een goede keuze was, of de verwachtingen overeenkwamen met het eindresultaat, en zo niet, wat de oorzaken van eventuele afwijkingen waren. Antwoorden op die vragen kunnen van belang zijn voor de verantwoording van het project: Is het geld achteraf bezien verantwoord besteed? Zijn de juiste beslissingen genomen? Die antwoorden kunnen ook worden gebruikt om van te leren. Met deze studie beogen Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) en Kennisinstituur voor Mobilitietsbeleid (KIM) het laatste: door te leren van het verleden, kan de kwaliteit van toekomstige ex-ante evaluaties verbeteren, en daarmee ook de kwaliteit van de besluitvorming. De studie is gedaan aan de hand van een casus: A5 Verlengde Westrandweg.

    Onderwerp: Monitoring
    Publicatie 4-01-2011

  • Nationale Mobiliteitsmonitor 2009

    De Nationale Mobiliteitsmonitor brengt in beeld hoe ver de gezamenlijke overheden zijn met het bereiken van de doelen van de Nota Mobiliteit. Om de voortgang van het beleid aan te geven, zijn in deze monitor vijfentwintig indicatoren opgenomen die in het Nationaal Mobiliteitsberaad zijn vastgesteld.

    Onderwerp: Monitoring
    Publicatie 3-10-2010

  • Achtergronden: Basisinformatie

    Er is veel informatie nodig voor het maken van een (beleids)monitor, het uitvoeren van een evaluatie of als basis voor een probleemanalyse of een verkeersplan. Een organisatie kan deze informatie zelf verzamelen of gebruik maken van bestaande bronnen. Hieronder worden enkele bronnen genoemd van Europese en landelijke informatie. Europese basisinformatie Over landen in de Europese Unie is veel data beschikbaar bij Eurostat, o.a. over vervoer, verkeer en omgeving. Landelijke basisinformatie Het CBS levert statistische informatie over vele maatschappelijke onderwerpen in de vorm van tabellen, grafieken en kaarten. Gegevens over mobiliteit betreffen voornamelijk het Onderzoek Verplaatsingsgedrag (OVG). Dit is sinds 2004 overgegaan in het MON (Mobiliteitsonderzoek Nederland). Sinds januari 2010 wordt het MON weer uitgevoerd door het CBS onder de naam OViN. De DVS ontwikkelt nog meer basisinformatie, waaronder verkeersveiligheidsrapporten. Op de website van de SWOV vindt u veel informatie over mogelijke verklaringen over het verloop van de ongevallen. Achter de tabellen in deze site zit een applicatie waarmee u ook zelf tabellen kunnen samenstellen. De Nationale Databank Wegverkeersgegevens (NDW) is gericht op het uniformeren van dynamische verkeersgegevens voor regionaal verkeersmanagement. Het NDW verzamelt informatie over het verkeer en de status van de weg voor een selectie van het totale wegennet. Verzamelen gebeurt door uitwisseling van gegevens volgens standaarden. De gegevens kunnen bruikbaar zijn voor het monitoren van beleid. Hiervoor moeten de afzonderlijke voertuiggegevens eerst structureel worden geaggregeerd. Provinciale en lokale basisinformatie Diverse gemeenten en provincies ontsluiten hun gegevens over mobiliteit en verkeer via een applicatie waarmee gegevens interactief kunnen worden samengesteld. Hieronder worden enkele voorbeelden genoemd. Provincie Noord-Brabant; Alle actuele feiten en cijfers over verkeer en vervoer in Noord-Brabant staan voortaan in het Informatiesysteem Economie & Mobiliteit. Het systeem bevat ruim 1.000 onderwerpen die eenvoudig naar eigen voorkeur kunnen worden gecombineerd of vormgegeven. Provincie Utrecht; Cijfers over:- gebruik van de weg- wegkenmerken- ongevallencijfers- carpoolplaatsen. Provincie Limburg; De Provincie Limburg heeft samen met het Rijk en gemeenten een uitgebreid meetnet als registratiesysteem van het verkeer op het hoofdwegennet. De mobiliteitsmonitor biedt toegang tot gedetailleerde gegevens die verkregen worden uit dit Limburgse verkeersmeetnet. Behalve de resultaten van verkeerstellingen geeft de monitor in bredere zin inzicht in de recente ontwikkeling van de personen- en goederenmobiliteit in Limburg. De mobiliteitsmonitor wordt regelmatig geactualiseerd zodat voortdurend de meest recente gegevens beschikbaar zijn. Gemeente Utrecht. Met WistUdata kan op een gemakkelijke manier informatie worden geraadpleegd over verschillende onderwerpen, op verschillende gebiedsniveaus (wijk of subwijk) en over een reeks van jaren. Hier zijn gegevens over een elftal thema's zoals economie, werk en inkomen, veiligheid, participatie, woonomgeving en voorzieningen beschikbaar. Over de bevolking is zelfs informatie op buurtniveau beschikbaar. Op het gebied van verkeer bevat deze tool informatie over in- en uitgaande pendel en diverse gegevens over de beleving van het verkeer (stankoverlast, agressie e.d.).

    Onderwerpen: Beleidsproces, Monitoring
    Kennispagina 6-07-2010

  • Achtergronden: Monitoring algemeen

    Monitoren is het volgen van eigen beleid. Monitoring is mogelijk in alle stappen van het beleidsproces. Het legt een basis voor nieuw te ontwikkelen beleid. Er is veel informatie nodig voor het maken van een (beleids)monitor, het uitvoeren van een evaluatie of als basis voor een probleemanalyse of een verkeersplan. Een organisatie kan deze informatie zelf verzamelen of gebruik maken van bestaande bronnen (basisinformatie). Typen monitors Algemene monitor; De monitor volgt de ontwikkeling van bepaalde indicatoren. De indicatoren zijn gericht op 'algemene' ontwikkelingen, waarvan wordt aangenomen dat iedereen ze belangrijk vindt. Voorbeelden zijn Nationale Mobiliteitsmonitor en Fietsbalans. Beleidsmonitor of beleidsevaluatie;De monitor volgt verschillende specifieke onderdelen van beleid, zoals:o de ontwikkeling met betrekking tot een bepaald doel;o de mate waarin maatregelen zijn uitgevoerd;o de bijdrage van alle uitgevoerde maatregelen aan het bereiken van de doelstelling. Zie Achtergronden: Monitoren van beleid Benchmark. Waar monitoring vergelijkt met het verleden (ontwikkelingen in de tijd volgt), vergelijkt benchmarking verschillende actoren met elkaar op één bepaald moment. Als verschillende organisaties dezelfde indicatoren gebruiken kan een monitor ook worden gebruikt voor het vergelijken van prestaties, benchmarken. De Handreiking Prestatievergelijking biedt een theoretisch overzicht van de mogelijkheden van benchmarken. Meer informatie over benchmarking vindt u op de site van VNG. KpVV monitors Het KpVV informeert over en ondersteunt de SUMO-methode, een evaluatiemethode voor projecten. Daarnaast worden door het KpVV verschillende monitors ontwikkeld en ingezet om informatie te verzamelen. Reizigersmonitor sociale veiligheid stads- en streekvervoer Personeelsmonitor sociale veiligheid stads- en streekvervoer OV-Klantenbarometer Autodelen Concessiekaart ov Milieuposter ov-bussen Vraag en aanbod openbaar vervoer Aansluitend op de KpVV-monitors, noemen we nog twee monitors: Monitor Infrastructuur en Ruimte van Ministerie van Infrastructuur en Milieu – meet de voortgang op de doelen uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte Fietsbalans van de Fietsersbond – meet de kwaliteit van de fietsinfrastructuur, fietsparkeerbeleid, luchtkwaliteit en gezondheid. 

    Onderwerpen: Beleidsproces, Monitoring
    Kennispagina 6-07-2010