Zoeken

Financiering (26 resultaten)

Financiering gaat over de manier waarop projecten en programma's worden gefinancierd en hoe met prioritering moet worden omgegaan. Welke financieringsbronnen zijn er en hoe besteden provincies en stadsregio’s deze gelden? Lees meer...

Een beantwoording van deze vraag staat in de kennispagina Financiering.

Gevonden in de kennisbank:

  • BOSDA

    Betr.: Update van laatste wijziging maart 2011 Beschrijving BOSDA is een computerprogramma waarmee alternatieven kunnen worden ontwikkeld, vergeleken en beoordeeld. Het sluit nauw aan bij de stappen die in een besluitvormingsproces kunnen worden doorlopen: probleemdefinitie, ontwikkeling van alternatieven, bepaling van effecten en beoordeling van de alternatieven. Door de gestructureerde opbouw van BOSDA wordt het inzicht in het beleidsprobleem en de gehanteerde methoden verhoogd. Er worden binnen BOSDA criteria gedefinieerd, met onderlinge gewichten, op basis waarvan de alternatieven moeten worden afgewogen. Per alternatief wordt aan elk van de criteria een score toegekend. Er kan binnen BOSDA gebruik worden gemaakt van vijf multicriteriamethoden (gewogen sommering, concordantieanalyse, regimemethode, verwachtingswaardemethode en evamixmethode) en van twee monetaire methoden (kosten-batenanalyse en kosten-effectenanalyse) om de geschiktheid van de alternatieven te bepalen. Het resultaat van BOSDA bestaat uit een rangschikking van de alternatieven naar geschiktheid, volgens de opgegeven scores en gewichten voor de criteria. Kosten:- computerprogramma (BOSDA 3.1): € 1360,-- eventuele inhuur voor toepassing: € 5.000 tot € 25.000 Doel en doelgroepen Het programma BOSDA is bedoeld voor overheden, maatschappelijke instanties en de private sector. Doel is het ontwikkelen, vergelijken en beoordelen van onafhankelijke alternatieven ter onderbouwing van een beleidskeuze. ToepassingBOSDA is geschikt voor het maken van een objectieve afweging tussen verschillende alternatieven. Het instrument is vooral ambtelijk van waarde. Met criteria, gewichten en scores worden alternatieven gerangschikt naar geschiktheid. Te betrekken partijenOverheden, maatschappelijke en commerciële instanties zoals Kamers van Koophandel, ProRail. AandachtspuntenDoor de verschillende opgenomen methoden is BOSDA breed inzetbaar. PraktijkvoorbeeldenToepassing van BOSDA Meer informatie Brochure BOSDA 3.1 http://www.bosda.nl/ (de engelstalige naam van BOSDA is DEFINITE) Literatuur: Beslissingsondersteunend Systeem voor Discrete Alternatieven: Systeembeschrijving en handleiding, 2e herziene druk Janssen R., Herwijnen M. van, Vrije Universiteit, Amsterdam, 1992. Gerelateerde instrumenten: Maatschappelijke Kosten-batenanalyse (MKBA) Multicriteria-analyse (MCA) Kosten-effectenanalyse (KEA)

    Onderwerp: Financiering
    Instrument 23-07-2012

  • Maatschappelijke Kosten-batenanalyse (MKBA)

    Betr. Update van Instrument maart 2008 Beschrijving Een MKBA drukt kosten en baten van beleidsalternatieven uit in monetaire eenheden en maakt zo inzichtelijk wat de effecten zijn van een beleidsalternatief. Bij de beleidsvorming zijn er drie selectieproblemen: reductie van het aantal alternatieven, partiële of volledige rangordening en bepaling van de maatschappelijke wenselijkheid. Een MKBA is alleen geschikt om de maatschappelijke wenselijkheid te beoordelen, voor de eerste twee problemen zijn andere evaluatiemethoden beter geschikt (MCA, kosteneffectiviteitsanalyse e.d.). Even belangrijk als het beschrijven en kwantificeren van de beleidsalternatieven is het nulalternatief: wat gebeurt er als het project niet wordt uitgevoerd? Dit is niet hetzelfde als ‘niets doen’, maar bestaat uit een inschatting van de meest waarschijnlijke ontwikkeling. Elementen die worden meegenomen in een MKBA zijn voor de gehele periode de uitgaven en de baten in de vorm van positieve en negatieve maatschappelijke effecten. Bij dit laatste moet worden gedacht aan aspecten als: reistijdwinsten en verliezen, milieueffecten, verkeersveiligheid, geluidsoverlast, e.d.. Doel en doelgroepen Een zoveel mogelijk gekwantificeerd overzicht bieden van de maatschappelijke voor- en nadelen van alternatieve beleidsmaatregelen over een lange periode. De MKBA is geschikt voor individuele en gezamenlijke overheden bij de afweging van complexe beleidsalternatieven, meestal grotere infrastructuurprojecten. ToepassingDe eenvoud van het resultaat maakt de MKBA tot een krachtig besluitvormingsinstrument. De MKBA is daarom ook een voorgeschreven instrument voor de regionale netwerkanalyses, waarin verschillende soorten maat regelen, van verschillende omvang onderling moeten worden geprioriteerd. Zowel bestuurlijk als ambtelijk van waarde. De MKBA wordt gevoed met clusters van effecten en gekwantificeerde effecten en levert een tabel op waarin op overzichtelijke wijze de kosten en baten worden gepresenteerd. Te betrekken partijenNaast de initiatiefnemer andere betrokken overheden. AandachtspuntenLastig is dat voor bepaalde maatschappelijke effecten eigenlijk geen goede financiële waardering voorhanden is of op zijn minst dat de gehanteerde waarderingsgrondslag vragen oproept (wat is de waarde van een mensenleven?). Ook moeilijk meetbaar en waardeerbaar zijn de uitstralingseffecten van infrastructuur, bijvoorbeeld op de regionale economie. Zeker vooraf – maar ook achteraf – is dit vaak voer voor heftige discussies. Praktijkvoorbeelden Bij de uitwerking van de netwerkanalyses is de MKBA veelvuldig toegepast. Eindrapporten van alle netwerkanalyses zijn te vinden in de tool Beleidsdocumenten. Meer informatie Literatuur: Ministerie van Verkeer en Waterstaat/Ministerie van Economische Zaken, Evaluatie van Infrastructuurprojecten; Leidraad voor kosten-batenanalyse, Onderzoeksprogramma Economische Effecten Infrastructuur, Den Haag. Website: Steunpunt economische evaluatie, Leidraad OEI Gerelateerde instrumenten: Multicriteria-analyse (MCA)Kosten-effectenanalyse (KEA)BOSDA

    Onderwerp: Financiering
    Instrument 23-07-2012

  • Multicriteria-analyse (MCA)

    Betr.: Update van Instrument maart 2008 Beschrijving Bij een MCA beoordeelt men de effecten van een maatregel systematisch via een aantal criteria. Deze criteria worden bijvoorbeeld onderscheiden in clusters, zoals de bijdrage aan het verbeteren van de bereikbaarheid, de potentiële bijdrage aan het vestigingsklimaat voor bedrijven, de effecten op milieu en verkeersveiligheid e.d.. Voordeel is dat de criteria nauw aansluiten bij de beleidsverantwoordelijkheden. Een standaardaanpak is dat men de effecten weergeeft in een evaluatietabel. Vervolgens dient het belang van de verschillende criteria bepaald te worden (weging). De gewichten kunnen zowel kwantitatief als kwalitatief worden uitgedrukt. Toepassing van de gewichten en de scores van de evaluatietabel maken het mogelijk tot een bepaalde rangschikking van alternatieven te komen. Er zijn verschillende varianten van de MCA. Er kunnen echter drie hoofdvarianten worden onderscheiden, namelijk: ‘Goals achievement’-technieken; Verwachtingswaarde-technieken; Concordantieanalyse. Doel en doelgroepen Het op grond van meerdere criteria onderbouwen van een afweging tussen verschillende beleidsalternatieven. Zowel voor overheid als private sector bedoeld. ToepassingDe MCA is geschikt voor de afweging van complexe beleidsalternatieven. De eenvoud van het resultaat maakt de MCA tot een krachtig besluitvormingsinstrument. Zowel ambtelijk als bestuurlijk van waarde. De MCA levert een onderbouwing op van beleidsalternatieven op grond van verschillende criteria (tabel met (gewogen) scores). Onderscheidende criteria, operationalisatie van criteria, gegevens en schattingen worden als input gebruikt. Te betrekken partijenOverheden, maatschappelijke en commerciële instanties zoals Kamers van Koophandel, ProRail. AandachtspuntenDe MCA kan zo omvangrijk worden gemaakt als de gebruikers zelf willen. Het aantal onderscheiden criteria en de mate van kwantificering zijn daarvoor bepalend. Meer informatie Literatuur: Ministerie van Verkeer en Waterstaat/Ministerie van Economische Zaken, Evaluatie van Infrastructuurprojecten; Leidraad voor kosten-batenanalyse, Onderzoeksprogramma Economische Effecten Infrastructuur, Den Haag. Steunpunt Economische Evaluatie nl.wikipedia.org/wiki/multicriteria-analyse Gerelateerde instrumenten:Maatschappelijke Kosten-batenanalyse (MKBA)BOSDAKosten-effectenanalyse (KEA)

    Onderwerp: Financiering
    Instrument 23-07-2012

  • Kosten-effectenanalyse (KEA)

    Betr.: Update van Instrument maart 2008 Beschrijving Een KEA wordt gebruikt om verschillende alternatieven te vergelijken, wanneer de kosten gekwantificeerd kunnen worden in monetaire eenheden, maar de baten niet. De baten worden uitgedrukt in termen van effect. Een KEA is met name toepasbaar wanneer één beleidseffect het belangrijkste wordt geacht en andere beleidseffecten veel minder van belang zijn. Voordeel van een KEA is de mogelijkheid tot aandacht voor niet kwantificeerbare effecten. Nadeel is dat een KEA minder evenwichtig de gevolgen van beleidsalternatieven voor de samenleving in kaart brengt dan een KBA. Doel en doelgroepen De Kosten-effectenanalyse is bedoeld voor overheden en adviesraden. Doel van de Kosten-effectenanalyse is het onderbouwen van een beleidskeuze uit verschillende alternatieven op basis van gekwantificeerde kosten en in termen van effecten uitgedrukte baten. ToepassingDe KEA is geschikt voor de afweging van eenvoudige beleidsalternatieven, waarbij één beleidseffect het belangrijkst wordt geacht en andere beleidseffecten veel minder van belang zijn. De eenvoud van het resultaat maakt de KEA tot een krachtig besluitvormingsinstrument en is zowel ambtelijk als bestuurlijk van waarde. Met gekwantificeerde effecten en schattingen van effecten wordt een Kosten-effectiviteitstabel gegenereerd. (De Kosten-effectiviteitstabel is een tabel met maatregelen die gerangschikt zijn op grond van kosten-effectiviteit). Met een kosten-effectenanalyse worden de effecten (outcome) van maatregelen (output) in kaart gebracht (zie ook Monitoren van beleid) Te betrekken partijenGemeenten, provincies, WGR+-regio’s, maatschappelijke organisaties. AandachtspuntenDe eenvoud van het resultaat maakt de KEA een krachtig besluitvormingsinstrument. In tegenstelling tot de KBA brengt een KEA de gevolgen van beleidsalternatieven minder evenwichtig in kaart. Meer informatie Literatuur: Ministerie van Verkeer en Waterstaat/Ministerie van Economische Zaken, Evaluatie van Infrastructuurprojecten; Leidraad voor kosten-batenanalyse, Onderzoeksprogramma Economische Effecten Infrastructuur, Den Haag. Literatuur: Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid SWOV, Verkeersveiligheidsanalyse van het concept-NVVP, Deel 2: Kosten en kosteneffectiviteit, Leidschendam, 2000 Steunpunt Economische Evaluatie Gerelateerde instrumenten:Maatschappelijke Kosten-batenanalyse (MKBA) Multicriteria-analyse (MCA)BOSDA.

    Onderwerp: Financiering
    Instrument 23-07-2012

  • REMI-NEI-model

    Betr.: Update van Instrument maart 2008 Beschrijving Het REMI-NEI model is bedoeld voor regionaal beleid en is geschikt voor het bepalen en ordenen van de economische effecten van verschillende beleidsopties. Het model kan worden gebruikt voor het bepalen van de effecten van nieuwe infrastructuur, de keuze van een bedrijfslocatie of de uitvoering van een vastgoedproject. Doel en doelgroepen Inzicht verkrijgen in de economische effecten van verschillende beleidsopties. ToepassingREMI-NEI is een instrument om de interactie tussen verschillende beleidsvelden voor regionaal beleid inzichtelijk te maken en is ambtelijk van waarde. Input: directe effecten van beleid (tijdwinsten of transportkosten, veranderingen bedrijfskosten, hectare bedrijfslocaties, vastgoed). Inzicht in economische effecten (BBP en productie sectoren), internationale concurrentiekracht (export, productiviteit en kosten), werkgelegenheid, bevolking, werkloosheid en huizenprijzen) zijn het resultaat (output). Te betrekken partijenProvincies, stadsregio’s en gemeenten. AandachtspuntenBetrokkenheid van diverse beleidsvelden is noodzakelijk, alsmede externe ondersteuning. Meer informatie Literatuur: Gerbrand van der Bork en Fred Treyz, The REMI model for the Netherlands, in: A survey of spatial economic planning models for the Netherlands, Frank van Oort, etc., Ruimtelijk Planbureau, 2005.

    Onderwerp: Financiering
    Instrument 23-07-2012

  • Algemene Rekenkamer

    De Algemene Rekenkamer controleert of de rijksoverheid het geld van de burger juist en nuttig besteedt. Ook zijn op deze site de resultaten te vinden van een onderzoek naar 'specifieke uitkeringen': rijksgelden bestemd voor beleidsdoelen die op lokaal of regionaal niveau moeten worden gerealiseerd.

    Onderwerp: Financiering
    Link 5-12-2011

  • BI-zones: samen investeren in bereikbare bedrijventerreinen en winkelcentra

    In een Bedrijven Investeringszone (BI-zone) investeren werkgevers en gemeenten in een betere bereikbaarheid van bedrijventerreinen en winkelgebieden. Vanaf 1 mei 2009 maakt de BIZ-wet dit mogelijk. In een BI-zone betalen alle ondernemers mee aan die activiteiten waar de bedrijven zelf behoefte aan hebben. De activiteiten van een BI-zone zijn aanvullend op die van de gemeente. De gemeente stelt een heffing in en keert de opbrengst van de heffing uit aan de vereniging of stichting die de activiteiten namens de ondernemers uitvoert. De heffing is gekoppeld aan de Onroerend Zaakbelasting. Toepassing:Een BI-zone biedt mogelijkheden voor werkgevers en gemeenten om de bereikbaarheid van bedrijventerreinen te verbeteren en hier financiering voor te regelen. De BIZ-wet biedt een oplossing voor het free riderprobleem: een kleine minderheid blokkeert de wensen van de meerderheid. Dat is een groot probleem bij het opzetten van mobiliteitsmanagement op bedrijventerreinen. De volgende activiteiten kunnen in een BI-zone worden ondergebracht: bereikbaar: verkeers- en vervoersvoorzieningen, bewegwijzering; schoon: groenvoorziening, afvalinzameling, schoonmaak; heel: onderhoud, graffitiverwijdering; veilig: verlichting, brandveiligheid, surveillance, camerabewaking. Realiseren van een BI-zone: Het realiseren van een BI-zone begint met een informele fase. Daarin overleggen ondernemers met elkaar en met de gemeente. Gespreksonderwerpen zijn: locatie en omvang activiteiten middelen organisatie en uitvoering. De gemeente meet het draagvlak voor een BI-zone onder de vertegenwoordigde ondernemers. Een dubbele meerderheid is nodig: tenminste de helft van de bijdrageplichtige ondernemers spreekt zich uit; 2/3 daarvan is voor invoering; de WOZ-waarde van de voorstanders is groter dan die van de tegenstanders. Als er voldoende draagvlak is, richten de ondernemers een vereniging of stichting op, die de activiteiten zal uitvoeren. Ondernemers en de gemeente stellen een overeenkomst op. De gemeente maakt tot slot een verordening. Die legt naast bovengenoemde punten vast: welke ondernemers bijdrageplichtig zijn; de hoogte van de BIZ-heffing; de naam is van de stichting of vereniging. Te betrekken partijenDe ondernemers en de gemeente zijn formeel nodig bij de totstandkoming van een BI-zone. De ervaring leert dat een onafhankelijke trekker een voorwaarde is voor succes. Deze persoon houdt tijdens het informele en het formele traject contact met ondernemers en met de gemeente, verbindt partijen met elkaar en motiveert voortdurend de meerwaarde van een BI-zone. Vastgoedbeheerders hebben belang bij een goede locatiebereikbaarheid. Een goede bereikbaarheid verhoogt de vastgoedwaarde. Door in de (her)ontwikkelingsfase samen te werken met vastgoedpartijen samen te werken, kan worden bereikt dat zij meebetalen aan vervoersvoorzieningen. Een mobiliteitsmanager is nodig om het onderdeel bereikbaarheid in een BI-zone uit te werken. De mobiliteitsmanager onderhoudt contacten met vervoersautoriteiten, vervoerders en aanbieders van mobiliteitsdiensten. AandachtspuntenTot 1 januari 2012 is het mogelijk om een BI-zone te starten. Het aantal praktijkexperimenten is onbeperkt. De ervaringen in het buitenland laten zien dat het oprichten van een BI-zone ongeveer 12 tot 24 maanden kost. Deze tijd is nodig om de activiteiten uit te werken, draagvlak te creëren onder de betrokken ondernemers en afspraken te maken met de gemeente. De experimentenwet loopt tot 1 januari 2015. Het ministerie van EZ heeft de wet positief geëvalueerd en wil de wet permanent maken. Parkmanagement Een BI-zone kan worden gezien als een wettelijke regeling voor parkmanagement. Bij parkmanagement ligt de nadruk op beheerszaken (groen, veiligheid en bewegwijzering). BI-zones bieden betere mogelijkheden om bijvoorbeeld te investeren in vervoer en bereikbaarheid. PraktijkvoorbeeldenIn de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Duitsland is er ervaring met de zogenaamde Business Improvement Districts (BIDs). Een goed voorbeeld van een BID waarin bereikbaarheid een rol speelt, is Better Bankside in Londen. In Nederland is er inmiddels ervaring met mobiliteit in parkmanagement. Voorbeelden zijn: Goudse Poort in Gouda (collectief vervoer, gezamenlijke inkoop vervoer, koppeling bereikbaarheid aan vastgoedwaarde) Medel in Tiel (collectief vervoer, carpool, fiets) Waarderpolder in Haarlem (fiets, OV, carpool) High Tech Campus in Eindhoven (collectieve parkeervoorzieningen) Meer informatie Website over BI-zones Dossier Bedrijven Inversteringszone (ministerie van Economische Zaken) Evaluatie Experimentenwet Bedrijven Investeringszones (toegevoegd 13 febr. 2013) Wettekst Vragen en antwoorden Publicatie 'BID: ondernemersinitiatief beloond' BID's in het Verenigd Koninkrijk

    Onderwerpen: Mobiliteitsmanagement, Financiering, Bedrijventerreinen
    Instrument 22-02-2011

  • Achtergronden: Financiering

    Financiering gaat over de manier waarop projecten en programma's worden gefinancierd en hoe met prioritering moet worden omgegaan. Welke financieringsbronnen zijn er en hoe besteden provincies en stadsregio’s deze gelden? Financieringsbronnen Brede Doeluitkering Verkeer en Vervoer (BDU); De BDU is een belangrijke financieringsbron in het regionale verkeer en vervoer. Dit wordt jaarlijks via een verdeelsleutel verdeeld over de provincies en stadsregio’s. Uit de BDU worden de overheidsbijdrage voor het openbaar vervoer en (geheel of gedeeltelijk) belangrijke infrastructuur- en verkeersveiligheidprojecten betaald. Meer informatie over de Wet BDU staat in de publicaties Wet Brede Doeluitkering Verkeer en Vervoer en Samen werken met de Brede Doeluitkering (BDU). middelen uit het gemeente- en provinciefonds en uit eigen belastingheffing, zoals de opcenten op de motorrijtuigenbelasting; projectsubsidies van het Rijk; Voor zeer grote projecten stelt het Rijk subsidies beschikbaar. Het gaat om een 100-procentsbijdrage van subsidiabele kosten van projecten boven 112,5 miljoen euro, onder aftrek van dit bedrag. Voor de drie grote stadsregio’s ligt de grens op 225 miljoen euro. In afwijking hiervan kan de minister besluiten een lager bedrag af te trekken als een project de draagkracht van een provincie of stadsregio te boven gaat of als er een bovenregionaal belang in het geding is. Zie Besluit Infrastructuurfonds. Europese subsidies. Meer informatie is te vinden in het onderwerp Europa onder subsidies. Prioritering regionale budgetten De provincies en stadsregio’s besteden de BDU en andere middelen aan ‘eigen’ projecten. Ze subsidiëren er ook gemeentelijke projecten mee in hun gebied. Bij de selectie van projecten zijn twee hoofdlijnen te onderscheiden: een programma van projecten dat in de regionale beleidsplannen past; een prioriteringsmethode, voor kleinere projecten en voor projecten die ‘tussendoor’ komen. Maar ook als de planning van een project uitloopt en er geld overblijft in een jaar is een prioriteringsmethode nodig. Hierdoor wordt snel, objectief en transparant de noodzaak van een project onderbouwd. De publicatie GGS: Projecten kiezen en financieren geeft een overzicht van de huidige verdeelsystemen, prioriteringstechnieken, financieringsvormen en subsidiestromen. Voorbeelden van regelingen van andere overheden staan in de beleidsdocumententool. Ervaringen over het besluitvormingsproces staan in de tool Kwaliteitswijzer Beleid. Activiteiten overige organisaties Het ministerie van Financiën heeft een methodiek ontwikkeld waarlangs de departementen hun beleid moeten verantwoorden, ‘Van Beleidsbegroting tot Beleidsverantwoording’ (VBTB). Deze methodiek is bedoeld voor het Rijk. Het bevat ook de handreiking Evaluatieonderzoek ex ante, Ministerie van Financien, 2003. Deze is voor decentrale overheden bruikbaar bij prioriteren. Het doel van een evaluatie ex ante (ex ante betekent vooraf) is inzicht krijgen in de (waarschijnlijke) effecten van beleidsvoornemens, prestaties en middelen. Ook is er een aparte site van het Steunpunt Economische Evaluatie van Rijkswaterstaat.

    Onderwerp: Financiering
    Kennispagina 22-06-2010

  • Actoren-Kosten-Baten-analyse

    De Actoren-kostenbaten-analyse maakt de kosten en baten per beleidsalternatief inzichtelijk, evenals de verdeling van die kosten en baten over individuele actoren. Hiermee kan snel inzichtelijk worden gemaakt welke maatregel de meest gunstige kosten-baten verhouding kent, en bij welke partij de kosten, en bij welke de baten neerslaan. Doel en doelgroepDe Actoren-kostenbaten-analyse is bedoeld voor alle betrokkenen bij het ontwerpen van beleidsalternatieven, en helpt bij elk van de gegenereerde beleidsalternatieven inzichtelijk te maken waar de kosten en waar de baten van het beleidsalternatief vallen. ToepassingDe volgende stappen worden in de Actoren-kostenbaten-analyse doorlopen: Inventariseer per betrokken actor alle (maatschappelijke) kosten en baten die bij implementatie van beleidsalternatief X1 t/m Xn worden gemaakt. Denk hierbij ook aan emissies, geluidsoverlast en administratieve lasten of andere vormen van regeldruk. Positioneer alle actoren in de matrix. Actoren waarbij de kosten hoger zijn dan de baten worden links boven de rode streep gepositioneerd. Actoren waarbij de baten hoger zijn dan de kosten worden rechts onder de rode streep gepositioneerd. Indien bij een bepaald beleidsalternatief de kosten voor een individuele actor hoger zijn dan de baten, dan zal die actor in principe niet uit eigen wil deelnemen aan implementatie van het beleidsalternatief (en zal naar compensatie moeten worden gezocht). Zo kan dus per maatregel worden bezien welke actoren belang hebben bij implementatie en welke er in principe geen belang bij hebben. Te betrekken partijenHet is van belang om de in het beleidsproces betrokken actoren te laten participeren in de kostenbaten-analyse, of tenminste hun input te laten leveren. Een veel gebruikte werkvorm voor een kostenbaten-analyse is een expertmeeting. Ook kunnen individuele interviews met de betrokken actoren worden gehouden. Meer informatieHeezen, A. (1999) Basisstudie Bedrijfseconomie, Houten: Stenfort KroeseHorngren, C.T. e.a (2002) Management and Cost Accounting, Londen: Prentice Hall

    Onderwerp: Financiering
    Instrument 30-08-2009

  • Economische instrumenten in regionaal prijsbeleid

    Op verzoek van het ministerie van Verkeer en Waterstaat heeft het KiM mogelijkheden verkend die cedentrale overheden hebben om economische instrumenten in te zetten, in aanvulling op landelijk prijsbeleid voor het wegverkeer. Het onderzoek gaat na hoe effectief, efficiënt en acceptabel economische instrumenten in regonaal mobiliteitsbeleid zijn, onder de veronderstelling dat er een landelijke kilometerprijs komt. Uit het onderzoek blijkt dat economische instrumenten in het regionale mobiliteitsbeleid vaak positieve effecten hebben op bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en welvaart. Er zijn ook negatieve effecten, zoals beleidsconcurrentie en aantasting van het draagvlak voor het landelijke prijsbeleid. Een cumulatietoets kan de nadelen beperken. De conclusies zijn gebaseerd op een analyse van voor- en nadelen van regionale economische beleidsinstrumenten. Daarbij gaat het om drie soorten beleidsdoelen: het beïnvloeden van het verkeer, het financieren van andere maatregelen (zoals wegen of openbaar vervoer) en een efficiënte afweging van investeringen.

    Onderwerpen: Planvorming, Financiering, Prijsprikkels
    Publicatie 8-07-2009

  • Expertmeeting Bedrijveninvesteringszones: kans voor locatiebereikbaarheid?

    In deze expertmeeting heeft KpVV de mogelijkheden verkend om in Bedrijven Investeringszones (BI-zones) te experimenteren met locatiebereikbaarheid. RDM-terrein Het RDM-terrein in de Rotterdamse haven stond als casus centraal. In dit gebied vinden ruimtelijke ontwikkelingen plaats, maar de bereikbaarheid is problematisch: er is maar één ontsluitingsweg en die leidt naar de zwaarbelaste A15. Een goede organisatie van de bereikbaarheid is nodig om het gebied aantrekkelijk te maken voor investeerders. Vervoer over water is een belangrijke optie. Experimentenwet Op 1 mei 2009 treedt de Experimentenwet Bedrijven Investeringszones (BI-zones) in werking. De wet maakt het ondernemers mogelijk om samen te investeren in de kwaliteit van bedrijventerreinen en winkelgebieden. Bereikbaarheidsmaatregelen vallen daar ook onder. Dat biedt kansen voor locatiebereikbaarheid. Aan de expertmeeting namen experts deel op het gebied van mobiliteitsmanagement, locatiebereikbaarheid, vastgoedpartijen en deskundigen van het Havenbedrijf Rotterdam. Meer informatie: Verslag expertmeetingBI-zones en locatiebereikbaarheid Website Bedrijveninvesteringszones

    Onderwerpen: Financiering, Bedrijventerreinen
    Terugblik 21-01-2009

  • Business Improvement District: ondernemersinitiatief beloond

    Verkenning van de mogelijkheden van Business Improvement Districts (BIDs) in Nederland. In een BID dragen ondernemers bij aan het verbeteren van de kwaliteit van bedrijventerreinen en winkelgebieden. Inhoud Het rapport beschrijft de werking van BIDs in de VS, Canada, Groot-Brittannië en Duitsland. De ervaringen aldaar worden vertaald naar de Nederlandse situatie. Aan de orde komen: centrummanagement, parkmanagement, gebiedsmanagement, freeriders en financiering. Betekenis Het rapport concludeert dat BIDs effectief zijn. Dat heeft geleid tot een wetsvoorstel voor Bedrijven Investeringszones (BI-zone). Een BI-zone biedt interessante mogelijkheden om de bereikbaarheid van bedrijventerreinen te organiseren en te financieren.  

    Onderwerpen: Aanpak, Financiering, Bedrijventerreinen, Recreatie
    Publicatie 15-01-2009

  • Methodological guidance on the economic appraisal of health effects related to walking and cycling: summary

    Dit rapport bevat een methode voor het economisch waarderen (in euro's) van de effecten op de gezondheid van fiets- en voetgangersmaatregelen. Basis zijn literatuurstudie, reviews en workshop. Naast de methode bevat het document ook  de beshrijving van een bijbehorende tool: health economic assessment tool for cycling (HEAT for cycling). U vindt deze tool hier.

    Onderwerpen: Gezondheid, Financiering, Schone voertuigen
    Publicatie 20-12-2008

  • The Health Economic Assessment Tool (HEAT for cycling): User guide version 2

    Dit is de handleiding van een tool om de baten van de effecten op de gezondheid (in euro's) van fietsen te berekenen. Bijbehorende tool vindt u hier.

    Onderwerpen: Gezondheid, Financiering, Schone voertuigen
    Publicatie 19-12-2008

  • Gezondheid en milieu in ruimtelijke plannen

    Om tot een effectief lokaal ruimtelijk beleid te komen, waarin milieu en gezondheid een duidelijke plaats hebben, en de leefomgeving integraal in plaats van sectoraal wordt benaderd, is een goede samenhang tussen ruimtelijk, milieu- en gezondheidbeleid van belang. Hoewel er op dit moment veel aandacht voor is, is deze samenhang er in het huidige beleid veelal slechts in beperkte mate. Daarnaast is er vaak geen expliciete aandacht voor gezondheid in ruimtelijke plannen. Dit kan leiden tot een suboptimale kwaliteit van de leefomgeving en tot een minder goede gezondheid en een lager welbevinden van mensen. Om lokale beleidmakers te ondersteunen bij het maken van integrale beleidsafwegingen ten aanzien van de leefomgeving en daarbij milieu en gezondheid vroegtijdig in ruimtelijke planprocessen mee te laten nemen, ontwikkelt het RIVM in opdracht van het Ministerie van VROM een afwegingskader. Dit rapport beschrijft de stand van zaken ten aanzien van de ontwikkeling van het afwegingskader.

    Onderwerpen: Gezondheid, Financiering, Schone voertuigen
    Publicatie 18-12-2008