Groot onderhoud N3: mobiliteitsmanagement Randweg Dordrecht
Beschrijving GebiedskenmerkenDe N3 is een belangrijke ontsluitingsweg voor Papendrecht en de westzijde van Dordrecht en een verbindingsweg tussen de A15 en A16. In de periode van 14 juli 2000 tot en met 12 augustus 2000 heeft groot onderhoud plaatsgevonden aan een deel van de N3. Het ging om renovatiewerkzaamheden aan de Merwedebrug en aan het wegdek van de N3 tussen de Burgemeester Keijzerweg en de Wantijbrug. Tegelijk is aan de Papendrechtse kant van de N3 aan beide zijden nieuwe geluidswering geplaatst.De weg was gedurende het onderhoud afgesloten voor personenverkeer. Omdat de N3 een adviesroute is voor vervoer van gevaarlijke stoffen (categorie I stoffen mogen niet door de Drechttunnel rijden) mocht vrachtverkeer wel passeren. Ook hulpdiensten (om hun aanrijtijd gelijk te houden), bussen (om de verbinding tussen Papendrecht en Dordrecht te behouden) en landbouwverkeer (omdat daarvoor geen alternatieve route bestaat) werden over de N3 toegelaten. Het verkeer werd afwisselend op de ene of de andere baan geleid, waar voor elke rijrichting één rijstrook beschikbaar was. Op alle aanvoerroutes van de N3 waren borden geplaatst om weggebruikers te informeren over het onderhoud en de omleidingsroute via A15 en A16. Op het laatste moment is besloten, op aandringen van de gemeente Dordrecht, om de zuidelijke op- en afritten bij de Provinciale Weg en de Baanhoekweg zo lang mogelijk toegankelijk te houden, afhankelijk van de rijbaan waaraan gewerkt werd.Problemen en oplossingenDe volgende maatregelen zijn genomen om de hinder voor de weggebruikers zo veel mogelijk te beperken: Communicatie via pers, radiospotje, website Fileplan, posters, etc. Verspreiding folders naar alle bedrijven en de belangrijkste openbare instellingen. Inzet extra bussen op bestaande lijnen. Aanbieden kortingskaart voor de bus en de waterbus via gemeentehuizen. Voldoende aandacht voor alternatieven als waterbus, bus en fietsroutes. Om de weggebruikers een alternatief te bieden, is het aantal ritten op enkele buslijnen uitgebreid: op lijn 5 van Stadsvervoer Dordrecht en op de lijnen 150, 162 en 163 van Connexxion. Daarnaast is aan reizigers de mogelijkheid geboden om met korting van de bus en de Waterbus gebruik te maken binnen Dordrecht, Papendrecht en Sliedrecht. Dit gebeurde door de verkoop van speciale N3/Merwedebrug OV-kaarten via de gemeentehuizen van deze gemeenten. Er waren twee soorten N3/Merwedebrug OV-kaarten: maandkaarten à fl. 75,- (normaal fl. 101,25) en weekkaarten à fl. 25,- (normaal fl. 30,95).Die OV-kaarten waren alleen te verkrijgen tegen inlevering van een ingevulde kortingsbon. Op de kortingsbon diende men de postcodes van herkomst en bestemming in te vullen, om de opbrengsten te kunnen verdelen tussen Connexxion, Stadsvervoer Dordrecht en Waterbus bv. Overige vragen op de kortingsbon waren de vraag met welk vervoermiddel men de reis ging maken en met welk vervoermiddel men de reis voorheen maakte.Ook zijn in het voorjaar van 2000 door het VCC Zuid-Holland Zuid brieven gestuurd aan en gesprekken gevoerd met in en om Dordrecht gevestigde bedrijven. Tijdens deze gesprekken hebben verschillende bedrijven maatregelen genoemd die door henzelf genomen konden worden om de last van het onderhoud te minimaliseren: stimuleren van carpoolen, fietsen en openbaar vervoer onder de medewerkers, zo mogelijk aanpassen van service- en vakantieroosters, vrachtwagenritten verschuiven naar andere tijden of naar andere vestigingen. Bij enkele bedrijven is nagegaan of dergelijke maatregelen uiteindelijk ook genomen zijn. Het blijkt dat dankzij dit project nu bij minstens 2 bedrijven, waaronder DuPont met 1.500 medewerkers, vervoermanagement definitief is ingevoerd, wat eerder niet aan de orde was.De volgende effecten zijn bereikt: De bereikbaarheid van het gebied is goed geweest, met alle vervoermiddelen. Alle gebieden waren per auto bereikbaar, met maximaal 10 kilometer omrijden. Langer openhouden van afslag Baanhoekweg leidde vooral tot onduidelijkheid over de bereikbaarheid. Het kortingskaartensysteem verliep niet naar wens, vooral omdat de prijsstelling niet goed was. Van de ritten waarvoor een kortingskaart werd gekocht, heeft in driekwart van de gevallen een substitutie effect van auto naar bus plaatsgevonden. De uitvoering van de extra busdiensten is, op een enkele uitzondering na, goed verlopen. Inzet van extra bussen werd door alle geïnterviewden gewaardeerd, maar aan de passagierstellingen is af te lezen dat er vooral op vroege tijden te veel bussen zijn ingezet. Lijn 5 van Stadsvervoer Dordrecht trok 's middags bijna 30% extra reizigers. De kennis van medewerkers van de klantenservice van Connexxion over alternatief vervoer was onvoldoende. Bij minstens 2 bedrijven, waaronder DuPont met 1.500 medewerkers, is vervoermanagement definitief ingevoerd. Aandachtspunten Goede én tijdige informatie richting bedrijven is zeer belangrijk. Het draagt bij aan draagvlak, maar het geeft bedrijven ook de gelegenheid om in te spelen op de situatie. Bedrijven kunnen zelf ook een bijdrage leveren om de overlast te verminderen. Bijvoorbeeld door Het plaatsen van artikelen in personeelsbladen; Rekening houden bij de inrichting van de logistieke processen in die periode; Rekening houden bij het inzetten van medewerkers op wisselende locaties. Aanbieden alternatief vervoer draagt bij aan draagvlak en beperken verkeershinder. Tijdige opdrachtverlening aan vervoerders kan kosten besparen. Evenals een goede afweging tussen inzet en het te verwachtte gebruik. De samenwerking met de Kamer van Koophandel voor de mailing richting bedrijven was een groot succes. Eenvoudige maar zeer effectieve maatregel is het verzenden van persberichten naar zowel kranten als betrokken overheden en intermediaire organisaties. Meer informatie RWS ZH: mevrouw drs. J.A.C. Boonstra, tel. 010 – 402 69 51VCC ZHZ: dhr. R. de Bruijn, tel. 078 – 648 06 90